Grote mestfraudezaak uitgesteld
De Tongerse rechtbank heeft de behandeling van de rechtszaak over de mestfraude waarbij de Tongerse biogascentrale Biopower betrokken is, uitgesteld.

De in september ingeleide rechtszaak wordt uitgesteld door capaciteitsproblemen, veroorzaakt door het tekort aan rechters en het meermaals uitgestelde Costa-proces, dat deze week uiteindelijk toch plaatsvindt.
Het openbaar ministerie opende in november 2021 een onderzoek naar de Tongerse biogascentrale wegens mestfraude. In zulke biogascentrales worden allerlei afvalproducten vergist zodat er groene stroom ontstaat. Het restproduct, digestaat, wordt gebruikt als meststof voor landbouwgewassen en bevat onder meer stikstof en fosfor. Die stoffen kunnen bij overbemesting schade toebrengen aan het milieu, waardoor het digestaat moet voldoen aan de strenge milieureglementering. In Biopower werd jaarlijks 60.000 ton biomassa verwerkt.
Mogelijke manipulaties
In september 2022 liet het openbaar ministerie weten dat uit het onderzoek bleek dat er mogelijk manipulaties waren gebeurd bij de periodieke officiële staalnames van het digestaat bij Biopower en een zusterbedrijf in Geel, waardoor overbemesting kon plaatsvinden.
"Hierdoor zou Biopower enerzijds illegale financiële voordelen hebben gegenereerd en anderzijds haar eigen en aangevoerd digestaat onwettig hebben kunnen afvoeren", zo staat te lezen in het persbericht dat het openbaar ministerie toen verstuurde.
Donderdag 26 maart daagden de 11 beklaagden, de zaakvoerders van de betrokken firma's waaronder die van Biopower, en hun advocaten op in de Tongerse rechtbank voor de start van de rechtszaak, waarvoor 2 dagen waren uitgetrokken. Daar kregen ze echter te horen dat hun zaak omwille van het Costa-proces uitgesteld wordt naar 8 en 9 oktober.
Structureel tekort
"Gelet op de noodwendigheden van de dienst en in het bijzonder de zeer omvangrijke correctionele zaak die enkele zalen verder wordt behandeld en veel capaciteit van magistraten en personeel vraagt, zijn we in de onmogelijkheid de zaak te behandelen", aldus de voorzitter. "Dat is te wijten aan het structureel tekort aan magistraten in Limburg. We moeten met kennis van zaken kunnen oordelen en deze zaak grondig kunnen voorbereiden. Dat is op dit moment niet het geval, dus we zijn genoodzaakt de zaak op een latere datum te behandelen."





