Startpagina Wetgeving

Gevaarlijke producten veilig vervoeren voor veld of stock

Landbouwers krijgen regelmatig te maken met gevaarlijke stoffen, voor gebruik op het veld of - simpel - om schoon te maken. Sommige stoffen zijn brandbaar, andere zijn giftig. Soms gaat het om bijtende stoffen of stoffen met andere gevaarlijke eigenschappen. Het vervoer van deze producten is Europees vastgelegd in het ADR en moet strikt worden nageleefd. Toch krijg je in bepaalde gevallen een volledige of gedeeltelijke vrijstelling op die wetgeving. Hier een overzicht waarmee elke landbouwer veilig de weg op kan.

Leestijd : 6 min

Heel het ADR uitleggen, is een brug te ver. Het is immers een erg omvangrijk document van zo’n 1.300 pagina’s. ADR is de afkorting van ‘Accord européen relatif au transports international des marchandises Dangereuses par Route’, oftewel in het Nederlands het Europees verdrag betreffende het internationaal vervoer van gevaarlijke stoffen over de weg. Er staat in wat gevaarlijke goederen zijn, hoe ze worden ingedeeld (giftig, brandbaar,...), hoe ze te herkennen en hoe ze te transporteren.

Ook voorschriften van verpakkingen, tanks en voertuigen vind je erin terug, alsook de verplichtingen van alle betrokken partijen. Om de 2 jaar wordt het ADR gereviseerd. Vaak wordt die niet volledig vernieuwd, en wordt dit verdrag aangepast aan de laatste evoluties en technologische ontwikkelingen. Ook vereenvoudigingen en correcties gebeuren regelmatig.

Het ADR is van toepassing in 51 landen in de Europese Unie,.. Vlaanderen is sinds 2015 bevoegd voor deze materie voor het grondgebied Vlaanderen. Ervoor was het een federaal gegeven. Wallonië en Brussel zijn dus ook elk bevoegd voor hun grondgebied. Roel Noé en Frederik Vranken werken voor het Departement Mobiliteit en Openbare Werken van de Vlaamse overheid Beiden hebben een heel divers takenpakket. Zo voeren zij audits uit bij bedrijven die bezig zijn met ADR, voeren zij inspecties uit bij onder andere examencentra en opleidingscentra, staan zij m.a.w. in voor de correcte toepassing van de regelgeving en zijn ze een aanspreekpunt voor alle belanghebbenden.

Vlaanderen is bevoegd voor alle klassen gevaarlijke stoffen, behalve voor de explosieve en radioactieve stoffen (kader bevoegdheden). De klassen waar landbouwers vooral mee in contact komen, zijn brandbare vloeistoffen (klasse 3), giftige stoffen (klasse 6.1), bijtende stoffen (klasse 8) en andere diverse gevaarlijke stoffen en voorwerpen (klasse 9). Diverse gewasbeschermingsmiddelen en schoonmaakmiddelen horen onder de gevaarlijke stoffen.

Gevaarlijke goederen

De lijst van gevaarlijke goederen is in het ADR opgenomen, en kan men raadplegen via de site van het Departement Mobiliteit en Openbare werken. Daar staan de UN-nummers, de stofidentificatienummers, duidelijk opgesomd. Dit 4-cijferig nummer geeft weer over welk gevarengoed het precies gaat. Zo betekent het UN-nummer 2783 'pesticide, organische fosforverbinding, vast, giftig'. Die nummers kan je vinden op de MSDS fiches (veiligheidsinformatieblad) bij de producten. “Als je die niet meer hebt, kan je deze fiches opzoeken op www.phytotrans.be. Natuurlijk kan je die ook opvragen bij je leverancier”, tipt Vranken.

Wil je een product transporteren dat ingedeeld is als gevaarlijk, dan is het ADR van toepassing. Het ADR is echter niet van toepassing als een gevaarlijk goed zodanig verdund is dat het geen gevaar meer vormt. "Bijvoorbeeld als je het vervoert in een tank met heel wat water", klinkt het. "Maar dat mengsel moet voor alle zekerheid ook getest worden." De wegeninspecteurs van het Agentschap Wegen en Verkeer voeren de controles uit op de openbare weg, al dan niet in samenwerking met de lokale of federale politie.

Volledige vrijstelling

Maar als het ADR van toepassing is, kunnen er gedeeltelijke of volledige vrijstellingen mogelijk zijn. Zo krijg je een volledige vrijstelling als je goederen transporteert als particulier die voor persoonlijke of huishoudelijke activiteiten bedoeld zijn. Er moeten wel maatregelen worden genomen om lekken te voorkomen.

Bij ondernemingen is een volledige vrijstelling ook mogelijk, maar tegen bepaalde voorwaarden. Zo mag je gevaarlijk goed transporteren als het transport op zich ondergeschikt is aan de hoofdactiviteit, én je direct werkzaam bent met het product en niet stockeert. Voor bevoorrading of distributie intern of extern geldt de volledige vrijstelling dus niet. "Ben je bezig op je veld, maar kom je product te kort, dan mag je extra product transporteren van de distributeur naar het veld. Even een stop thuis kan wel." Nog een voorwaarde is dat je slechts een bepaalde hoeveelheid mag meenemen, naar de 1.000 punten regel.

Wat je vervoert mag de 1.000 punten niet overschrijden. Het aantal punten wordt berekend op basis van de vervoerscategorie van het vervoerd product. Er zijn vijf vervoerscategorieën; hoe lager het cijfer des te gevaarlijker het product en des te minder mag je vervoeren.Bovendien mag maar maximum 450 liter per verpakking vervoerd worden.

Gedeeltelijke vrijstelling

Een gedeeltelijke vrijstelling op het ADR kan eveneens, bijvoorbeeld als je na het transport het product niet direct gebruikt, maar wel wil stockeren. Aan de gedeeltelijke vrijstelling zijn voorwaarden aan verbonden. Wie producten in colli - met andere woorden verschillende producten samen - wil transporteren, moet ook hier rekening houden met de 1.000 punten regel. De verpakkingen, hun signalisatie en samenlading blijven van toepassing. Deze moeten ook gekeurd zijn. “Als je die haalt bij de leverancier, is dat wel meestal het geval”, wordt meegegeven. Eventueel moet de temperatuur geregeld zijn. Verder moet een brandblusser in de cabine aanwezig zijn met een inhoud van minstens 2 kg, alsook veilige verlichtingsapparaten. Je mag niet roken en het openen van de colli is ook verboden. Bovendien moet het verpakkingscertificaat en het vervoerdocument aanwezig zijn.

Dat vervoersdocument kan u zelf opstellen op een blad. “Je kan voor jezelf een sjabloon maken, maar je kan het ook downloaden op de site van het departement.” In dat vervoerdocument moet een hele resem zaken opgelijst staan, te lezen in het kader. Het mag opgesteld worden in het Nederlands, Frans of Duits bij nationaal vervoer. Minstens wordt een deel van het transport afgelegd over het gebied waar de gebruikte taal op het vervoerdocument één van de officiële talen is. Door een akkoord tussen België en Nederland mag, voor het vervoer tussen deze beide landen, ook enkel Nederlands gebruikt worden. Bij internationaal vervoer moeten de vermeldingen op het vervoerdocument in een officiële taal van het land van verzending gesteld zijn en daarenboven in het Frans, het Engels of het Duits, indien de officiële taal geen van de drie genoemde is.

1000 punten regel

Bij vervoer onder de volledige of gedeeltelijke vrijstelling, moet je rekening houden met de 1.000 punten regel.Onder vervoerscategorie 0 behoren de gevaarlijkste producten. Daar mag je dus helemaal niets van vervoeren. Bij vervoerscategorie 1 en 2, mag je respectievelijk maximum 20 en 333 liter of kg puur product mee. Bij vervoerscategorie 3 mag je maximum 1.000 liter of kg meenemen. Heb je een product met vervoerscategorie 4, dan zijn er zelfs geen beperkingen. Transporteer je 1.000 liter van een product onder de volledige vrijstelling, dan moet dat per verpakking van maximum 450 liter zijn.

Wil je producten van verschillende vervoerscategorieën vervoeren, moet je er ook voor zorgen dat je onder de 1000 punten blijft. Hier gaat een korte rekensom vooraf. Per product vermenigvuldig je het aantal liter of kilogram met een factor die overeenkomt met de vervoerscategorie. Voor categorie 1 geldt de factor 50, voor categorie 2 is dat 3 en categorie 3 is dat 1. Bijvoorbeeld: vervoer je in totaal 200 liter van één product van vervoerscategorie 2, dan reken je 200 x 3 = 600 punten.

Gevaarlijke goederen verpakt in beperkte hoeveelheden

Er is een volledige vrijstelling mogelijk als je product meeneemt in kleine hoeveelheden, zoals flessen en bussen van 1 of 5 liter. Van die flessen of bussen mag je zoveel transporteren als je wil, onder de voorwaarde dat ze in een buitenverpakking (vb. een doos) worden getransporteerd. De doos dient het merkteken 'limited quantities' (beperkte hoeveelheden) te dragen. Je mag ook een sticker met die boodschap er zelf op plakken. “Die mag je zelfs zelf maken, als de dimensies van het merkteken kloppen (zie kader). De sticker moet dan ook zo goed vastzitten op de doos, dat ze er niet afgetrokken kan worden.” In totaal mag de doos, waarin de producten zitten, maximum 30kg bruto wegen.

Er wordt bij het vervoer in kleine hoeveelheden wel een onderscheid gemaakt tussen de verpakkingsgroepen I (zeer gevaarlijke stoffen), II (gevaarlijke stoffen) en III (minder gevaarlijke stoffen). Bij verpakkingsgroep I mag je niets vervoeren. Afhankelijk van het UN-nummer en de verpakkingsgroep wordt bepaald hoeveel product je in beperkte hoeveelheden mag meenemen. De verpakkingsgroep vind je terug op de MSDS-fiche. In de tabel vind je dan de beperkte hoeveelheden terug die verbonden zijn aan het UN-nummer en diens verpakkingsgroep.

Marlies Vleugels

Lees ook in Wetgeving

Term ‘samengestelde landbouwer’ wordt afgeschaft

Wetgeving Het decreet over de inrichting van een gemeenschappelijke identificatie van landbouwers, exploitaties en landbouwgrond in het kader van het meststoffen- en landbouwbeleid (EPR-decreet) werd gewijzigd met het oog op de afschaffing van de constructie van de samengestelde landbouwer (SLB).
Meer artikelen bekijken