Recht: extra ‘corona’-ouderschapsuitkering voor zelfstandigen

Recht: extra ‘corona’-ouderschapsuitkering voor zelfstandigen

In de aanhef van het Koninklijk besluit wordt uitgelegd dat door de beslissingen van de Nationale Veiligheidsraad rond enerzijds de essentiële activiteiten en anderzijds de heropstart van de economische activiteiten vanaf 4 mei 2020, in combinatie met de gefaseerde heropstart van de scholen, er op korte termijn dringend nood is aan een maatregel ten behoeve van de werkende ouders die een dubbele taak moeten uitvoeren van werken en kinderopvang.

Ouders van schoolgaande kinderen moesten en moeten immers verder blijven werken en tegelijk hun kinderen opvangen en begeleiden, omdat er geen opvang via onder meer de scholen mogelijk was. Daarbij komt dan nog dat van overheidswege sterk werd afgeraden om een beroep te doen op de hulp van grootouders.

Zaken combineren

Zelfstandigen en zeker deze in de landbouwsector, die als essentiële activiteit werd beschouwd, moesten dus verder blijven werken en moesten gelijktijdig ook hun eigen kinderen opvangen en helpen met hun schoolwerk.

Voor deze zelfstandigen, die ouder zijn van één of meerdere kinderen jonger dan 12 jaar, of van één of meerdere kinderen met een beperking, die beslist hebben om hun zelfstandige activiteiten niet te onderbreken of die te hervatten, en die daardoor dus de tijdelijke crisismaatregel van het overbruggingsrecht niet (meer) genieten, wordt daarom in een extra ouderschapsuitkering voorzien.

Zowel de zelfstandige, de zelfstandige helper als de meewerkende echtgenote komen in principe in aanmerking voor deze extra ouderschapsuitkering. Indien beide ouders zelfstandige zijn, komen ze alle twee in aanmerking voor de tijdelijke ouderschapsuitkering.

Ook zelfstandigen in bijberoep en zij die als zelfstandige actief zijn na de wettelijke pensioenleeftijd, komen in aanmerking voor deze ouderschapsuitkering, op voorwaarde dat het bedrag van hun wettelijk verschuldigde voorlopige bijdragen gelijk is aan datgene verschuldigd door zelfstandigen in hoofdberoep. Deze ouderschapsuitkering kan men niet combineren met een andere uitkering in het zelfstandigenstelsel, zoals het overbruggingsrecht, een ziekte- of invaliditeitsuitkering.

Bedrag

Het Koninklijk besluit kent aan die ouders een ouderschapsuitkering toe van 532,24 euro per maand of een uitkering van 875 euro in geval van een eenoudergezin. Het Koninklijk besluit kent deze uitzonderlijke ouderschapsuitkering toe voor de maanden mei en juni 2020, al is er nu reeds sprake dat de maatregel zal verlengd worden voor juli en augustus 2020.

Hoe aanvragen?

Om de uitkering te kunnen genieten, moet de zelfstandige, helper of meewerkende echtgenoot een aanvraag indienen bij zijn sociaal verzekeringsfonds, met een aangetekende zending of elk ander middel dat de datum en de verzekerde aflevering van de zending waarborgt. Deze aanvraag moet uiterlijk 30 september 2020 worden ingediend. Intussen bieden de meeste sociaal verzekeringsfondsen reeds de mogelijkheid om deze uitzonderlijke ouderschapsuitkering online aan te vragen.

In de aanvraag moet men op eer verklaren dat zijn of haar zelfstandige activiteit gedurende minstens één volledige kalendermaand wordt beïnvloed door het verlenen van zorgen aan één of meer kinderen. Verder moeten in de aanvraag in elk geval het rijksregisternummer van de aanvrager, de begin- en einddatum van de onderbreking, de naam en leeftijd van het kind, en het soort band met het kind (natuurlijk kind, adoptiekind of pleegkind) worden vermeld.

Jan Opsommer

Meest recent

Meest recent