Startpagina Vleesvee

SP.A is voorstander van een duurzaam alternatief (eventueel graslandpremie) voor zoogkoeienpremie

In een schriftelijk vraag aan landbouwminister Hilde Crevits (CD&V) heeft Ludwig Vandenhove (SP.A) nogmaals gehamerd op een duurzaam alternatief voor de bestaande zoogkoeienpremie. Eventueel wordt dan gedacht aan een graslandpremie. Daar laat de bevoegde minister zich voorlopig echter niet over uit. “Het is wachten op meer duidelijkheid van Europa.”

Leestijd : 2 min

Ook voor Ludwig Vandenhove, Vlaams parlementslid voor SP.A, wordt het Vlaams landbouwbeleid waaronder die zoogkoeienpremie, voor een aantal uitdagingen gesteld door de nieuwe doelstellingen van de Europese Unie met betrekking tot biodiversiteit en gekoppelde steun.

“Met de Green Deal, de biodiversiteitsstrategie en de Boer-tot-Bordstrategie heeft de Europese Unie duidelijk ambitie voor de verduurzaming van de landbouw. Men ambieert bijvoorbeeld om ten minste 10% van de oppervlakte landbouwgrond te reserveren voor biodiversiteit en natuur. De minister stelde tijdens een eerdere commissievergadering dat de rundveehouderij grasland economisch valoriseert en daarmee bijdraagt aan C-captatie, erosiebestrijding, biodiversiteit...”, aldus Ludwig Vandenhove.

Is een graslandpremie een duurzaam alternatief?

Ludwig Vandenhove (SP.A) had van landbouwminister Hilde Crevits (CD&V) dan ook graag vernomen of er een duurzaam alternatief is voor die zoogkoeienpremie en wat ze denkt van een graslandpremie. Expliciete antwoorden komen er voorlopig niet. “Het is momenteel niet bekend hoe de strategieën zullen vertaald worden in regelgevende acties van de Europese wetgever”, stelt Vlaams landbouwminister Hilde Crevits.

“Op vlak van de hervorming van het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid heeft de Commissie op 1 juni 2018 een voorstel geformuleerd ten aanzien van de Raad en het Europees Parlement. Dit voorstel maakt vandaag oorwerp uit van besprekingen door deze respectieve instellingen. Na de besprekingen en formulering van de amendementen aan het Commissievoorstel binnen elk van de instellingen, volgen besprekingen tussen de instellingen (zgn. trilogen) waarbij consensus wordt gezocht over alle voorgestelde amendementen.”

“Nadien volgen formele aanname of stemmingsprocedures. Dit besluitvormingsproces zal bij aanname finaal leiden tot een Europese basisverordening die rechtstreeks van toepassing is in alle lidstaten (of regio’s binnen lidstaten). De basisverordening wordt op haar beurt gevolgd door gedelegeerde en uitvoeringshandelingen van de Commissie, eveneens rechtstreeks van toepassing. De basisverordening en de gedelegeerde handelingen, in mindere mate de uitvoeringshandelingen, vormen het kader waarbinnen lidstaten (regio’s) eigen implementatiekeuzes van strategische of planmatige aard kunnen maken.”

Geen definitieve keuzes maken

“Gezien de finale tekst waarover de Raad en het Europees Parlement finaal een consensus zullen bereiken (al dan niet ingrijpend) zal afwijken van het initiële voorstel dat de Commissie op 1 juni 2018 formuleerde, kunnen lidstaten op dit ogenblik noch juridisch, noch inhoudelijk al definitieve eigen keuzes maken. Het kader waarbinnen lidstaten zich moeten begeven en de timing van het verdere besluitvormingsproces zijn daartoe nog te onstabiel. Gezien de Raad en het Europees Parlement de aanvankelijk vooropgestelde timing (1/1/2021) met aan zekerheid grenzende waarschijnlijk niet zullen halen, overweegt de Europese wetgever momenteel overgangsmaatregelen voor de periode na 31 december 2020. Voor deze overgangsmaatregelen zijn de trilogen intussen aangevat”, besluit minister Hilde Crevits.

Lieven Vancoillie

Lees ook in Vleesvee

Methaanemissie verminderen via pensvertering

Melkvee Met het Convenant Enterische Emissies Rundvee 2019-2030 engageerden 15 sectororganisaties zich om de enterische methaanemissies sterk te verminderen. Hoever staan we en wat zijn de mogelijkheden? In dit eerste artikel belichten we de aanpak via veevoeding.
Meer artikelen bekijken