Startpagina Opinie

Mercosur: meten met 2 maten en 2 gewichten

Het Mercosur-akkoord wordt volgens Jinnih Beels, gedeputeerde voor Landbouw in Antwerpen, voorgesteld als een noodzakelijke geopolitieke overwinning in woelige tijden. “Nu de relatie met de Verenigde Staten onder druk staat, moet Europa economisch zelfstandiger worden. Althans, zo wordt het verkocht. En dat frame werkt, want tegen strategische autonomie valt moeilijk bezwaar te maken. Precies daardoor verdwijnt het inhoudelijke debat naar de achtergrond”, zegt ze in dit opiniestuk.

Leestijd : 4 min

Wie toch vragen stelt, krijgt al snel te horen dat de landbouwsector — nochtans de meest rechtstreeks getroffen partij — zich niet hoeft te beklagen, omdat ze nu al een aanzienlijk deel van het Europees budget ontvangt. Dat is in de eerste plaats een drogreden. Niet alleen omdat ze de kern van de bezorgdheden ontwijkt, maar vooral omdat die bezorgdheden veel verder reiken dan de landbouw alleen.

Enkel controle op het eindproduct

Om te beginnen kunnen we geenszins garanderen dat landbouwproducten die Europa binnenkomen voldoen aan onze gezondheids- en veiligheidsnormen over de volledige productieketen heen. Formeel worden ze aan de grens getoetst aan Europese regels, maar die controle beperkt zich in de praktijk – in het beste geval dan nog - tot het eindproduct. Hoe dieren worden gehouden, welke groeihormonen of diergeneesmiddelen worden gebruikt, welke gewasbeschermingsmiddelen structureel worden ingezet of hoe strikt het antibioticagebruik wordt opgevolgd, valt niet structureel te controleren.

Nochtans zijn net die regels in Europa de voorbije decennia bewust aangescherpt, onder meer door het verbod op bepaalde hormonen en het drastisch beperken van pesticiden, precies om de volksgezondheid beter te beschermen. Dat we vandaag ook al importeren onder deze voorwaarden is daarbij geen geruststelling, maar net een bevestiging dat er structurele lacunes bestaan. Dat iets al gebeurt, is geen argument om het niet beter te doen: integendeel.

Historisch gelinkt aan ontbossing

Een tweede reden om sceptisch te zijn is het ontbossingsargument. Een deel van de landbouwproducten waarvoor het Mercosur-akkoord extra markttoegang voorziet — zoals rundvlees en soja — is historisch en structureel gelinkt aan grootschalige ontbossing in Latijns-Amerika. Tegelijk legt Europa zichzelf steeds ambitieuzere klimaat- en duurzaamheidsdoelstellingen op, die het in eigen landbouw en industrie streng afdwingt. Daarbovenop zegt Europa te willen evolueren naar een meer plantaardig voedingspatroon en een verschuiving in eiwitconsumptie te stimuleren.

Deze zaken vallen nog moeilijk met elkaar te rijmen. Want terwijl Europese producenten worden verplicht hun ecologische voetafdruk te verkleinen, dreigt Europa via dit akkoord producten toe te laten die precies die inspanningen elders tenietdoen. Zo wordt duurzaamheid een interne verplichting, maar geen externe voorwaarde. Dat is niet alleen inconsistent beleid, het ondermijnt ook de geloofwaardigheid van Europa’s eigen klimaatambities.

Ecologische voetafdruk wordt verplaatst

En zo komen we bij een laatste tegenstrijdigheid. Europa vraagt van zijn landbouwers om de veestapel af te bouwen en trekt daar een aanzienlijk deel van het landbouwbudget voor uit. Tegelijk laat het via het Mercosur-akkoord meer kippen- en rundvlees uit Latijns-Amerika toe. Dat valt moeilijk te verzoenen met de duurzaamheidsambities die Europa zichzelf oplegt. Zolang er bij consumenten vraag blijft naar vlees, zal die vraag ook ingevuld worden. Als we het aanbod hier bewust verminderen zonder die vraag aan te pakken, verschuift de productie simpelweg naar ergens anders.

Wie dat wil oplossen door het consumptiepatroon fundamenteel te veranderen - minder vlees, geen bananen of mango’s in de winter - voert een ideologisch debat dat op zichzelf legitiem is, maar hier niet ter zake doet. Zo doen we ons heiliger voor dan de paus, terwijl onze ecologische voetafdruk niet verkleint maar juist verschuift. Het gevolg is dat korte, beter controleerbare ketens plaatsmaken voor lange importketens, met een directe impact op het inkomen van onze landbouwers en mogelijke risico’s voor de volksgezondheid.

Als het hoofdargument om Mercosur te bejubelen werkelijk is dat Europa zich geopolitiek sterker moet positioneren tegenover grootmachten zoals de Verenigde Staten, dan moeten we dat doen zonder onze eigen producenten structureel te benadelen. Strategische autonomie kan geen synoniem worden voor het doorschuiven van kosten naar wie hier onder steeds strengere regels produceert.

Zeggen waar het op staat

We zouden intussen beter moeten weten wat de gevolgen zijn van zulke keuzes. Op het vlak van energie en veiligheid hebben we pijnlijk ervaren wat het betekent om ons afhankelijk te maken van externe spelers, met alle geopolitieke en maatschappelijke kosten van dien.Want dat is wat vandaag gebeurt. In plaats van dat eerlijk te benoemen, wordt het debat verengd tot discussies over subsidies en morele oordelen die weinig zeggen over de kern van de beleidskeuze.

Zeg dan gewoon waar het op staat: dit akkoord is nadelig voor de landbouwsector. En neem daar politiek verantwoordelijkheid voor. Dat zou tenminste consequent zijn. En eerlijk. In een tijd waarin burgers steeds minder vertrouwen hebben in beleid dat grote woorden gebruikt maar kleine letters verzwijgt, zou dat voor één keer getuigen van lef.

Jinnih Beels

Lees ook in Opinie

Meer artikelen bekijken

Vind uw droomjob in de land- en tuinbouw

AB MILIEUSYSTEMEN

Izegem, West-Vlaanderen

Solliciteer nu

Vind de medewerker die echt bij u past.

Plaats een vacature
Bekijk alle vacatures