Startpagina Aardappelen

Martens Potatoes: “We hebben altijd goesting om te werken en om bij te leren”

In 1938 begon Arsène Martens handel te drijven in aardappelen in het Oost-Vlaamse Maldegem, in het noordwesten van het Meetjesland. Onder impuls van de volgende generaties groeide het uit tot een stevig verankerd familiebedrijf. De familie Martens is actief in de aardappelhandel en werkt daarbij nauw samen met een netwerk van telers. Verder teelt ze op eigen gronden in de regio jaarlijks zo’n 100 ha aardappelen.

Leestijd : 7 min

Traditie en toekomst gaan hand in hand bij de familie Martens, die haar naam al decennialang verbindt aan de aardappel. “We zijn een zeer klein familiebedrijf. Alles is gegroeid uit Martens Potatoes, dat actief is in de handel van consumptie- en poot-aardappelen en in het wassen van aardappelen, voor zowel de Belgische verwerkende industrie als de export”, vertelt zaakvoerder Gino Martens (60). Zijn vader Odiel overleed op vroege leeftijd in 1995, waardoor Gino intussen al 30 jaar het bedrijf leidt. Gino behaalde zijn humanioradiploma WB (wiskunde, wetenschappen en talen), deed zijn legerdienst en leerde daarna de kneepjes van het vak van zijn vader.

Focus op aardappelhandel

De focus van het bedrijf ligt dus op de aardappelhandel. “Onze klanten zijn diverse grote spelers in de Belgische verwerkende industrie – zoals Clarebout Potatoes, Lutosa, Agristo en McCain – en daarnaast de schilbedrijven”, legt Gino uit. Met die bedrijven wordt er dus flink handel gevoerd. “Verder hebben we een breed netwerk van een 200-tal telers waarmee we via contractteelt samenwerken. Die boeren zijn zowel klant als leverancier: ze kopen het pootgoed bij ons en leveren consumptieaardappelen aan ons. We begonnen met contractteelt in 2006 en sloten toen contracten af met een zestal boeren. Nu, 20 jaar later, is dat aantal gegroeid tot 200. We hebben onze kar aan die van de Belgische verwerkende fabrieken gehangen. Die zijn exponentieel gegroeid met nieuwe productielijnen en wij hebben daar ons graantje van kunnen meepikken.”

De familie doet ook handel op de vrije markt aan de dagprijs, maar dat is momenteel een catastrofe. “Gemiddeld kopen we zo’n 75% via contracten en 25% op de vrije markt. Momenteel is er door een overaanbod geen marktwerking in de vrije aardappelen. Er is ook een stagnerende groei van de export van het afgewerkte product. Ik geloof in een slingerbeweging op dit vlak.”

Hart voor de landbouw

Maar Gino’s hart ligt ook bij de landbouw. “Ik ben leergierig naar de teelt van aardappelen. Daarom hebben mijn 3 zonen – Michiel (28, volgde graduaat Landbouw in Roeselare), Cédric (26, landbouwingenieur) en Thomas (23, junior accountant) – in die richting voortgestudeerd. Zo is de opleiding graduaat Landbouw zeer gericht op rentabiliteit”, aldus Gino. Michiel werkt intussen mee op het bedrijf.

Martens Potatoes is een trader, die aardappelen koopt en verkoopt. De kwaliteit van aardappelen die niet geschikt zijn voor de industrie – door rot of doordat ze te groen zijn – kan bij Martens Potatoes worden verbeterd door ze te wassen.

Zicht op de vorig jaar gebouwde bewaarloods, met een capaciteit van 7.000 ton aardappelen.
Zicht op de vorig jaar gebouwde bewaarloods, met een capaciteit van 7.000 ton aardappelen. - Foto: JVB

Belgische frietjes zijn de beste

Voor het eerst in 20 jaar heeft Gino het gevoel dat het aandeel afgewerkt product niet meer kan groeien. “Alle bedrijven lijken in een negatieve spiraal te zitten, maar daar moet je een beetje kunnen doorkijken. Zo stijgt de wereldwijde vraag naar afgewerkt product (aardappelbereidingen, diepvriesfrieten…) elk jaar met 3%. Dat is best veel, als je weet dat de wereldbevolking vorig jaar werd ge-schat op circa 8,2 miljard mensen.”

Volgens Gino Martens wordt het Belgische model van frietjes bakken en vermarkten – dat wij hebben gekopieerd van ’s werelds grootste fabrikant van diepvriesaardappelproducten, het Canadese McCain – nu gekopieerd in Zuid-Amerika en Afrika. “Maar ook in landen met grote bevolkingsaantallen als China, Australië, India en de Verenigde Staten bouwt men frietfabrieken bij. Daardoor verliezen we misschien wat afzetmarkten, maar dat betekent niet dat de aardappelindustrie bij ons zal verdwijnen. Hier zit immers de knowhow. Nergens ter wereld maken ze betere frieten dan in België. In China maken ze bijvoorbeeld geen lange frieten, waardoor zij multinational McDonald's, 's werelds grootste keten van fastfoodrestaurants, niet kunnen bevoorraden.

Bovendien zijn de Belgische fabrieken in tegenstelling tot hun buitenlandse collega’s specialisten in het ‘coaten’ van frieten.” Bij dit ‘coaten’ wordt een flinterdun laagje (meestal zetmeel of beslag) rond-om de aardappelstaafjes aangebracht vóór het (voor)bakken. Het doel hiervan is om de frietjes extra krokant te maken, langer warm te houden en om het slapper worden tegen te gaan.

Kracht van de ‘Potato Belt’

Martens stelt dat de Belgische fabrieken boven-staand productieproces – samen met de Nederlanders en de fabriek van McCain in Noord-Frankrijk – het best in de vingers hebben. “Deze bedrijven zijn gevestigd in de Potato Belt – letterlijk ‘de aardappelgordel’ van Europa. Dat is de kuststrook met zeeklimaat en goede gronden die van Bordeaux over Bretagne, Normandië, Nord-Pas-de-Calais, Vlaanderen en Nederland tot Noord-Duitsland loopt. We boeren hier tussen de havens en de fabrieken staan als het ware naast de boerderijen, wat het uiteraard ook interessant maakt om het verwerkingsproces zo kort mogelijk te houden. Verder hebben onze mechanisatiebedrijven – denk aan de aardappelrooiers en aan andere machines van Case New Holland, AVR en Dewulf – ongeloof-lijk veel knowhow in huis. Al die machines worden hier ontwikkeld; ik vergelijk dat altijd met de diepvriesfrieten. Die worden hier ook geproduceerd, maar we moeten er altijd voor zorgen dat we een stapje voor blijven op de concurrentie.”

Gino Martens: “Nergens ter wereld maken ze betere frieten dan in België”.
Gino Martens: “Nergens ter wereld maken ze betere frieten dan in België”. - Foto: JVB

Landbouwbedrijf met nieuwe bewaarloods

Sinds 2000 heeft de familie ook het landbouwbedrijf ‘Martens Agri’, dat een kilometer verderop van de hoofdlocatie ligt. Met oudste zoon Michiel als bestuurder worden daar op circa 100 ha aardappelen geteeld. “Voor de industrie worden de rassen Amora en Sinora verbouwd, zo’n 65% van het totale areaal is Fontane. We trachten een rotatie van 1 op 4 aan te houden”, aldus Gino.

Michiel krijgt op het bedrijf hulp van fulltimearbeider Erik De Neve (59), die al 18 jaar op het bedrijf werkt en er al de kennis rond pootgoed binnenbracht. Gino’s 3 zonen en hijzelf leerden pootgoed selecteren van hem. De familie beschikt over een frigo van 1800 kisten met opslag van pootgoed, voor henzelf maar ook voor derden. De pootgoedpijler geeft werk aan 4 mensen, bijna jaarrond.

“Vorig jaar bouwden we een nieuwe bewaarloods met een capaciteit van 7.000 ton aardappelen en uien. In de bestaande loods kunnen we 6.000 ton kwijt, dat maakt samen dus 13.000 ton.” De bedoeling is om in de nieuwe bewaarloods het vergassen en de klimaatbeheersing beter onder de knie te krijgen, om zo op het einde van het seizoen goede kwaliteit te kunnen garanderen. “De nieuwste technieken zijn dus verwerkt in het totale plaatje van de loods. Er komt ook nog een mechanische koeling in. We investeren dus in een goede bewaring, om zo mee te zijn in de toekomst. Stilstaan is immers achteruitgaan”, vindt Gino Martens.

Goesting om te werken

Middelste zoon Cédric werkt fulltime bij een mest-stoffen-, graan- en fytohandel. Jongste zoon Thomas werkt bij een boekhoudkantoor, waar hij junior accountant is. Hij is niet van plan om in het bedrijf Martens Potatoes te stappen. Het is niet de bedoeling dat de broers gaan samenwerken in 1 bedrijf. De familie heeft een stappenplan rond de bedrijfsopvolging. “Mijn zonen weten alles en goede afspraken maken is een kwestie van transparantie”, aldus Gino. “Iedereen moet alles weten, dat is onze filosofie. Gelukkig vertrouwen de broers elkaar zo goed als blindelings.”

“Wij hebben altijd ‘goesting’ om te werken, om iets te ondernemen en om bij te leren. Ook bij ons geldt het spreekwoord ‘stilstaan is achteruitgaan’. Mijn filosofie is om met weinig mensen veel omzet te draaien.”

Gino’s echtgenote Nadine Segaert was tot aan de bouw van de nieuwe bewaarloods (2024) bestuurder van Martens Agri. “Ze leeft mee met ons bedrijf en wil alles wat er gebeurt opvolgen. Nadine komt uit de landbouw, haar ene zus is landbouwster op een gemengd bedrijf en haar andere zus runt loonwerkersbedrijf Peltijn in Hansbeke.”

Zicht op de drukkamer in de nieuwe bewaarloods, waar ventilatoren verse buitenlucht inblazen.
Zicht op de drukkamer in de nieuwe bewaarloods, waar ventilatoren verse buitenlucht inblazen. - Foto: JVB

Kijken naar export

Gino voelt dat de Belgische industrie momenteel stilstaat en niet meer groeit. Daarom zoekt hij voor de eerste keer naar afzetkanalen voor de export van aardappelen. “Daarmee willen we een nieuwe pijler ontwikkelen binnen Martens Potatoes. In het verleden hebben we wel nog aardappelen naar Zuid-Amerika geëxporteerd. We weten nog niet naar waar, maar we zien wel een opportuniteit in het exporteren van aardappelen.”

Martino Transport

Het vervoer voor Martens Potatoes werd ondergebracht in de aparte vennootschap ‘Martino Transport’. Martino is een samentrekking van de namen ‘Martens’ en ‘Gino’. Toch is dat vervoer via Martino Transport met 1 chauffeur maar goed voor slechts 20% van het totale vervoer voor Martens Potatoes. De rest van het vervoer wordt uitbesteed.

Naar Fruit Logistica

Om de 2 jaar staat Martens Potatoes steevast op Interpom, de gespecialiseerde indoorvakbeurs voor de volledige aardappelbranche in Europa, die in Kortrijk Xpo plaatsvindt.

Van 4 tot 6 februari stond het bedrijf ook voor de allereerste keer met een stand op Fruit Logistica, de grootste AGF-beurs (aardappelen, groenten en fruit) ter wereld, die plaatsvond in de Duitse hoofdstad Berlijn. “Door het overaanbod op de markt zijn we net als vele andere bedrijven op zoek naar een bijkomend afzetkanaal in het buitenland”, zegt Gino Martens. “We zijn de markt aan het onderzoeken en daarom zijn we naar Berlijn getrokken. We hebben er goede contacten kunnen leggen. Ik begrijp nu beter wie de vragende partijen zijn. We geloven alleszins in schaalvergroting. Het is kwestie van opportuniteiten te vinden”, besluit Gino.

Jan Van Bavel

Lees ook in Aardappelen

Christophe Vermeulen, CEO Belgapom: “De vraag naar friet is er, maar we hebben aardappelen én arbeid nodig”

Aardappelen De friet: veel Belgischer wordt het niet. Ondanks heel wat uitdagingen is de sector aan een mooie groei bezig. Dat bewijzen ook de nieuwe productie- en exportcijfers van 2023. Christophe Vermeulen, CEO van Belgapom, de vereniging voor Belgische aardappelhandel en -verwerking, ziet de toekomst rooskleurig in. “Een goede band tussen telers en verwerking is belangrijker dan ooit. We krijgen te maken met dezelfde uitdagingen.”
Meer artikelen bekijken