Hoe bokashi stilaan terrein wint
Wat als reststromen geen afval meer zijn, maar meer dan ooit de basis vormen voor een vruchtbare bodem? Steeds meer land- en tuinbouwers ontdekken bokashi, een Japanse fermentatietechniek die organisch materiaal omzet in een voedzame bodemverbeteraar. Ook in Vlaanderen groeit de interesse ervoor, al staat de methode hier nog in haar kinderschoenen. Op het praktijkcentrum van Viaverda in Kruisem werd bokashi gemaakt met reststromen van prei.

“Bokashi betekent letterlijk ‘goed gefermenteerd materiaal’” zegt landbouwadviseur Robrecht Winnepeninckx. “Het is eigenlijk een manier om reststromen op het bedrijf te fermenteren in plaats van ze te laten composteren of afvoeren.”
Het grote verschil met klassieke compostering zit in het proces. Waar compost ontstaat door afbraak mét zuurstof, gebeurt bokashi net in een afgesloten omgeving. Organisch materiaal wordt gemengd met een oplossing van micro-organismen – vaak op basis van bacteriën en gisten – en vervolgens luchtdicht afgedekt.
Die aanpak zorgt ervoor dat het materiaal niet gaat rotten, maar fermenteert. Het resultaat na enkele weken: een licht zuur ruikende massa. “Het ziet er ook niet uit als verteerd materiaal”, legt Viaverda-onderzoeker An Van de Walle uit. “Maar zodra je het in de bodem brengt, wordt het heel snel afgebroken. Het is echt voeding voor de bodemmechanismen.”
Van prei tot aardappelschillen
De toepassingen zijn breed. Zowel in de land- als in de tuinbouw kan een grote variatie aan reststromen worden verwerkt: oogstresten, gras, bladeren… Tijdens het maken van een bokashihoop op Viaverda werd met prei en stro gewerkt. “We hebben de prei en het stro verhakseld in de mestkar, verneveld met water en EM-bacteriën (Effectieve Micro-organismen) en daarna goed aangedrukt”, legt Van de Walle uit. “Vervolgens sluiten we het geheel luchtdicht af en laten we het een 12-tal weken rusten.”
Volgens Winnepeninckx ligt daar net een van de grote voordelen. “Bokashi maken is een heel eenvoudige techniek. Bovendien zijn er situaties waarin composteren moeilijker is. Denk aan reststromen met weinig energie-inhoud, zoals uienschillen of aardappelen. Die kan je via bokashi wél makkelijk verwerken.”
Meer nutriënten, minder verlies
Een van de redenen waarom bokashi aan populariteit wint, is het behoud van voedingsstoffen. Tijdens compostering kunnen nutriënten verloren gaan door warmteontwikkeling en afbraakprocessen. Bij fermentatie blijven die beter bewaard. “Het is eigenlijk ook een bewaartechniek”, zegt Winnepeninckx. “Je verliest heel weinig nutriënten, vocht of energie. De volumevermindering blijft beperkt. Dat betekent dat stikstof, fosfor, kalium en koolstof grotendeels behouden blijven.”
Dat maakt het eindproduct bijzonder interessant als bodemverbeteraar. Eenmaal uitgereden op het land en licht ingewerkt, stimuleert bokashi het bodemleven en draagt het bij aan een betere bodemstructuur. “Je brengt niet alleen organische stof aan, maar ook specifieke micro-organismen, zoals melkzuurbacteriën en gisten. Die kunnen zelfs een rol spelen in het onderdrukken van ziekten zoals fusarium”, aldus Winnepeninckx.
“Compost kan je meteen gebruiken en je kan er direct in zaaien”, zegt Van de Walle. “Bij bokashi moet de verdere afbraak nog gebeuren in de bodem. Wacht dus zeker 14 dagen voor je gaat zaaien of planten.

Praktijkkennis centraal in Jowobo
Om land- en tuinbouwers wegwijs te maken in die keuzes, werd het project Jowobo opgestart. Daarin werken diverse onderzoeks- en praktijkcentra samen rond 4 technieken: Johnson Su-compost, wormencompost, boerderijcompost en bokashi. “Het doel is om telers heel praktisch te informeren”, stelt Van de Walle. “Via demonstraties, handleidingen en studiedagen tonen we hoe ze zelf aan de slag kunnen.”
Het project omvat onder meer 16 on-farm-demonstraties en diverse proefopstellingen op praktijkcentra. Ook voor bokashi worden concrete testcases opgezet. Uiteindelijk moet dat leiden tot een praktische beslissingsboom, zodat landbouwers snel kunnen inschatten welke techniek het best past bij hun situatie.
Nog zonder wettelijk kader
Ondanks de groeiende interesse blijft bokashi voorlopig een grijze zone op het vlak van regelgeving. In tegenstelling tot compost is er nog geen duidelijk wettelijk kader. “Bij boerderijcompost mag je het product ook naar een andere locatie brengen”, zegt Van de Walle. “Voor bokashi is het momenteel de bedoeling dat je het op je eigen bedrijf maakt en gebruikt.” Daar wordt intussen aan gewerkt. “We bekijken met OVAM hoe het proces gereglementeerd kan worden”, klinkt het.
De opmars van bokashi past binnen een bredere beweging richting circulaire landbouw, waarbij rest stromen maximaal op het eigen bedrijf worden hergebruikt. “Het is een perfect voorbeeld van circulair werken”, aldus Winnepeninckx. “Je benut de nutriënten die al aanwezig zijn, zonder verliezen en zonder extra input.”
Voor bepaalde teelten, zoals prei, ziet hij zelfs duidelijke opportuniteiten. “Prei-afval is ideaal. De verhouding tussen kool- en stikstof zit goed en het materiaal is fijn genoeg. Met een eenvoudige installatie kan je het proces zelfs automatiseren.”
Oproep aan landbouwers
Om de techniek verder te verspreiden, doen de initiatiefnemers een oproep aan landbouwers om zelf te experimenteren. “We zoeken nog telers die een workshop willen organiseren op hun bedrijf, zodat collega’s kunnen zien hoe zo’n bokashihoop wordt gemaakt en wat het oplevert.”, zegt Van de Walle. Die praktijkervaring blijkt cruciaal om twijfels weg te nemen, want hoewel de methode eenvoudig is, blijft ze voor velen nog onbekend terrein. “Eens je het ziet gebeuren, merk je hoe haalbaar het eigenlijk is en hoe waardevol wat vroeger afval was, kan worden voor je bodem.”
Bokashi lijkt daarmee niet alleen een veelbelovende techniek, maar ook een concrete stap naar een landbouw waarin reststromen weer waarde krijgen en waarin de bodem centraal staat. Hoewel er nog vragen zijn rond regelgeving en toepassing, wijst alles erop dat bokashi een blijvende plaats kan innemen in de evolutie naar duurzamere bodemsystemen.





