“In mijn cosmetica zit… appelboom”

Polyfenolen in cosmetica kunnen in de toekomst misschien afkomstig zijn van appelhout.
Polyfenolen in cosmetica kunnen in de toekomst misschien afkomstig zijn van appelhout. - Foto: LBL

V oor heel wat mensen is het gebruik van verzorgingsproducten en cosmetica een dagelijkse gewoonte. Zo blijken Europeanen 7 cosmetische producten per dag te gebruiken. Dan gaat het niet alleen om make-up, ook gewone zeep, shampoo, deodorant of tandpasta horen daaronder. Die bevatten heel wat chemische ingrediënten. Denk maar aan geurstoffen, maar ook aan conserveringsmiddelen en ingrediënten die zorgen voor de stabiliteit van het product, zodat het niet ranzig wordt of oxideert.

De algemene supermarktloper wordt echter steeds kritischer en checkt zijn aankopen steeds vaker. Zo bleek uit een studie van Sunrise bij 1.000 mensen dat 82% de ingrediëntenlijst van de producten checkt en 75% denkt dat traditionele bewaarmiddelen zoals parabenen de huid irriteren en gevaarlijk kunnen zijn. 91% denkt dat natuurlijke producten veiliger zijn en 92% denkt dat natuurlijke ingrediënten een echt voordeel hebben in verzorgingsproducten. Momenteel bestaan er al labels, zoals Clean label of Green Deal, die aangeven dat een product voornamelijk bestaat uit natuurlijke ingrediënten.

Op zoek naar natuurlijke ingrediënten

Er zijn al heel wat producten op de markt die inspelen op die trend. “Sommige merken worden al jaren door gezinnen gebruikt, zoals Nivea en Mixa. Deze volgen zelf natuurlijke en biologische trends en willen daar nu al maximaal op inzetten”, vertelt projectleider Hannes Withouck, onderzoeker aan Odisee.

De sector is op zoek naar ingrediënten die natuurlijk zijn of die een natuurlijke oorsprong hebben, en die biologisch geteeld aijn. Met een uniek project wil de Hogeschool Odisee een ingrediënt aanbieden op basis van appelhout, namelijk polyfenolen. Dat hout komt van oude appelbomen die niet langer gebruikt worden voor de fruitteelt. Odisee wil uit een reststroom een valabel ingrediënt produceren.

Polyfenolen zitten niet alleen in appelhout, maar zijn aanwezig in meerdere soorten hout. “De onderzoeksgroep ‘Biochemisch Innovatie Team Odisee onderzocht al appelen en appelhout. Bit-O richt zich vooral op plantaardige nevenstromen.” vertelt Bit-O projectmanager Annick Boeykens.

Polyfenolen: nuttig voor mens en plant

Fenolische componenten zoals polyfenolen worden via diverse biosynthetische trajecten gevormd in de plant. In het algemeen worden fenolische componenten vandaag als positief beschouwd voor de menselijke gezondheid. In de plant hebben deze componenten een sleutelrol in het defensiemechanisme. Ze worden gevormd als de plant stress ervaart, zoals te lage of te hoge temperatuur, verzilting, aanwezigheid van zware metalen, vraat... Die stress zorgt voor een toenemende productie van vrije radicalen en van andere oxidatieve moleculen, die door de fenolische componenten worden uitgeschakeld.

“Het belangrijkste is dat polyfenolen het potentieel hebben om preventief op te treden tegen ziektes. De consumptie van polyfenolen wordt gelinkt met de bescherming tegen cardiovasculaire ziekten, kanker, diabetes, aandoeningen bij ouderdom zoals alzheimer en parkinson, en osteoporose. Dat komt omdat ze vrije radicalen kunnen vangen en onschadelijk maken. Polyfenolen hebben dus een werking als antioxidant, maar hebben waarschijnlijk ook nog een antimicrobiële werking.”

Oude appelbomen

Een appelboer moet elk jaar 6% van zijn appelplantage vernieuwen om een goed rendement te behalen. Oude bomen produceren namelijk onvoldoende appelen en de appelen zijn ook van onvoldoende kwaliteit. Normaal kost het 20.000 euro per ha voor die vervanging. Met dat geld worden de bomen gerooid, de teeltgrond herwerkt, nieuwe bomen aangekocht en aangeplant.

“Nu worden de oude bomen echter verbrand, terwijl er nog chemische componenten met een antioxidant karakter in zitten, en dat is jammer”, klinkt het. In 2020 was er voor 6.000 ha aan appelteelt in België, maar in de EU is dat slechts een aandeel van 2,5%. Jaarlijks worden tussen 0,6 en 1,1 miljoen bomen gerooid en er kan tussen de 25.000 en 50.000 ton aan hout gerecupereerd worden. “Er zitten wel een aantal kilo's aan polyfenolen in 1 ton hout. Dat kan je als een mooie bron van ingrediënten zien.”

Van hout tot polyfenol

Het appelhout wordt ter plaatse vermaald, verhakseld en opgehaald. Daarna worden de snippers enkele weken gedroogd op kamertemperatuur. Daarna worden de snippers fijngemalen. Via ultrasoonextractie – via natuurlijke trillingen – en via filtratie worden de fenolische componenten afgescheiden. Om op te zuiveren wordt nog gecentrifugeerd. “Erna wordt ingedampt, maar het product kan ook worden gevriesdroogd. Dat wil zeggen dat er water wordt onttrokken om een poeder te verkrijgen. Dat is minder volumineus en dus makkelijk te transporteren.”

In het labo worden de polyfenolen na het indampen gekarakteriseerd. “Om te weten hoe de polyfenolen te gebruiken is het immers nodig om te weten om welke soort polyfenol het gaat en hoeveel er aanwezig is”, klinkt het. Het appelhout wordt ook geanalyseerd op pesticiden, vetgehalte, eiwitgehalte, asgehalte, vezelgehalte, vochtgehalte en op overige koolhydraten. “Het zou goed zijn mochten we zo veel mogelijk van het appelhout kunnen recupereren voor andere doeleinden. We willen graag een volledig circulaire economie creëren.”

Vooral Jonagold

Voor het onderzoek wordt met een aantal appeltelers samengewerkt. De onderzoekers kiezen voor Jonagold, aangezien deze appel de meest gegeten appelsoort is. 45% van het appelareaal is immers voor de Jonagold-teelt. “We willen echter ook nog andere rassen vergelijken, namelijk Golden, Boskoop en Jonagored. Bij al deze rassen wil Odisee de soorten polyfenolen identificeren en kwantificeren. Er zijn namelijk wel wat polyfenolen, en elk heeft zijn eigenschappen.”

Polyfenolen in voeding

In het project worden de polyfenolen onderzocht voor gebruik in cosmetica, maar ook in voeding heeft het dus zijn nut. De polyfenolen kunnen immers de houdbaarheid van de producten verlengen.

Zo is Odisee nu ook bezig met een project waarin ze de stabilisatie op een mayonaise testen. Ze volgen het oxidatieproces op van producten met polyfenolen uit appelhout, en vergelijken het met producten met andere additieven. Het project wordt uitgevoerd aan Odisee. Het is dan ook de bedoeling dat de studenten betrokken worden bij het project, zowel tijdens de lessen als in eventuele stages.

Bent u als landbouwer geïnteresseerd in één van deze projecten, dan kan u contact opnemen via via annick.boeykens@odisee.be

Marlies Vleugels

Meest recent

Meest recent