Startpagina Liefhebberstuin

Kleinfruit: groots van smaak

Vandaag zetten we de populairste kleinfruitsoorten in de kijker. Bessen zouden in geen enkele tuin mogen ontbreken en door hun beperkte omvang – kleinfruit, de naam zegt het zelf – passen ze ook letterlijk in elke tuin. Bovendien kunnen we door een goede keuze van verschillende soorten bessen oogsten van de vroege zomer tot diep in het najaar, zodat we de hele zomer lang voorzien zijn van verse tuinvitamientjes.

Leestijd : 5 min

Houtig kleinfruit, het klinkt misschien niet echt lekker, maar deze vlag dekt wel degelijk een smakelijke lading. Om je maar meteen te doen watertanden: framboos, braambes, stekelbes, aalbessen en cassisbessen, zo kennen we ze beter. In de winkel zijn bessen omwille van hun delicate aard soms moeilijk te vinden en behoorlijk duur.

In de tuin zijn ze eenvoudig te kweken en vers geplukt zijn ze op hun lekkerst. Houtig kleinfruit heeft vanwege zijn struikachtige groei niet zoveel plaats nodig en is vanwege zijn gemakkelijk karakter ook geschikt voor voor iedere tuin en elke tuinier.

Ribes-soorten

Dit zijn de bessen die vroeger in geen enkele boerentuin ontbraken en die we nog kennen uit onze jeugd: aalbessen (witte, roze en rode), de zwarte of cassisbes en de stekelbes om maar de meest courante te noemen.

Aalbessen Deze bessen groeien van nature het liefst in vochtige bossen, langs bosranden en struwelen. Ze zijn inheems in West-Europa en doen het dus prima in onze tuinen. Ze wortelen vrij oppervlakkig en zijn daardoor gevoelig voor droogte. Ook winternatte gronden verdragen ze slecht. Voor de rest stellen ze weinig eisen aan de bodem, als hij maar rijk is aan humus. Op een plekje in de zon geeft de plant de zoetste bessen, maar hij gedijt ook in de halfschaduw.

Aalbessen stellen weinig eisen aan hun groeiplaats.
Aalbessen stellen weinig eisen aan hun groeiplaats. - Foto: Pixabay

Cassisbessen of zwarte bessen Deze bessen hebben dezelfde origine als de aalbessen en stellen gelijkaardige eisen aan hun groeiomgeving. terwijl rode bessen echter zelfbestuivend zijn, zijn zwarte bessen slechts deels zelfbestuivend en wordt de oogst een stuk groter als men verschillende struiken aanplant, waardoor kruisbestuiving mogelijk is. In vergelijking met rode bessen hebben zwarte bessen een uitgesproken kruidachtige smaak en bevatten ze veel pectine en zuur, waardoor ze zeer geschikt zijn om te verwerken tot confituur of gelei.

Kruisbessen De kruisbes, ook wel stekelbes of klapbes genoemd, is nauw verwant aan de trosbessen, maar de bessen zijn een stuk groter en hangen niet in trossen aan de struik en de rijpe bessen zijn zoeter van smaak. Van nature treffen we deze struiken aan verspreid over Europa en Noord-Afrika. Ze zijn bij ons sinds de 16° eeuw in cultuur en groeien het best op matig vochtige, humusrijke en kalkhoudende bodems. In de zon is de opbrengst maximaal, maar kruisbessen doen het beter dan andere bessen in de schaduw, de oogst zal dan wel wat later op gang komen. Net als trosbessen zijn kruisbessen in de handel te verkrijgen op stam. Dat vergemakkelijkt de oogst. Stekelbessen hangen aan stekelige takken.

Jostabessen Deze bessen zijn, in tegenstelling tot de vorige Ribes-soorten geen wilde soort. Ze zijn het resultaat van Duits onderzoek waarbij men op zoek ging naar een lekkere bes die bestand is tegen allerlei ziekten waar de andere Ribes-soorten – en dan vooral de oudere selecties – nogal eens last van hebben (meeldauw, bladvalziekte, roest). Het resultaat was de Jostabes, een robuuste, doornloze struik met bruinzwarte bessen die meestal met 2 tot 4 bij elkaar hangen. De bessen zijn wat kleiner dan de kruisbes, maar groter dan de zwarte bes, met een smaak die het midden houdt tussen die van de zwarte bes – zonder de cassissmaak – en de klapbes.

Rubus-soorten

De populairste Rubus-soorten zijn ongetwijfeld de bramen en de frambozen met hun uiterlijk sterk op elkaar lijkende vruchten.

Frambozen De framboos, een struik met een groot aanpassingsvermogen, komt over het hele noordelijke halfrond verspreid voor. Daar treffen we hem in het wild aan in lichte bossen, hagen en als solitaire struiken. In de tuin geven frambozen de voorkeur aan een plaatsje in de volle zon tot de halfschaduw op een vochthoudende, goed doorlatende, eerder zure grond (geen kalkbeurt). Zomerframbozen geven vruchten in juni-juli op hout dat het vorige jaar gegroeid is (1-jarig hout). Voor een goede opbrengst snoeit men na de oogst al de oude twijgen weg, de jonge twijgen zorgen voor de oogst van volgend jaar. Herfstframbozen dragen vruchten aan de in hetzelfde jaar gegroeide twijgen (ditjarig hout) en dienen dus in het vroege voorjaar tot tegen de grond worden teruggesnoeid.

Frambozen zijn eenhuizig, 1 enkele struik volstaat voor een goede opbrengst. Frambozen worden vaak op rijen geplant en aangebonden aan horizontaal gespannen draden, waarbij men 8 tot 12 sterke scheuten per meter aanhoudt.

Bramen Deze Rubus-soort is qua groeieisen vergelijkbaar met frambozen, maar geeft de voorkeur aan licht alkalische grond (1 kalkbeurt per jaar). In vergelijking met de framboos doen bramen het ook goed op drogere gronden. De groei van bramen is forser en om het geheel overzichtelijk te houden worden ze het best op een steunsysteem (3 steundraden op 0,8, 1,20 en 1,80 m) gekweekt. Dik 1-jarig hout geeft de meeste vruchten.

Japanse wijnbessen Dit is een Rubus-soort met helderrode, aromatische vruchten, afkomstig uit het oosten van Azië. De plant heeft bruinrode, stekelige twijgen die dicht begroeid zijn met roodachtige klierharen, waardoor de plant niet misstaat in de siertuin. De bessen zijn wat kleiner dan frambozen en smaken frisser en iets zuurder. Zijn eisen aan de groeiplaats en zijn snoei zijn vergelijkbaar met die van de braam, maar zijn groei is nog krachtiger, dus is aanbinden aan een draadgestel de beste manier om de teelt en de oogst overzichtelijk te houden.

Loganbessen De loganbes is wellicht een natuurlijke kruising tussen een braamsoort en een framboos. Deze groeikrachtige plant heeft dicht bestekelde stengels en tot 4 cm grote, paarsrode, kegelvormige vruchten die vanaf eind juli tot eind augustus te oogsten zijn. De vruchten smaken zoals een zure framboos en zijn zeer geschikt voor verwerking.

Taybessen De Taybes is een kruising van verschillende Rubus-soorten, waaronder de Loganbes, de braambes en de framboos. Het resultaat is een grote, lichte struik die sterk lijkt op de Loganbes, maar met een nog grotere productiviteit. De vruchten zijn purperkleurig, kegelvormig en vrij groot, met een zeer aromatische friszure en tegelijk zoete smaak. Vanwege zijn wind- en vorstgevoeligheid vraagt deze plant om een beschutte groeiplek waarvoor geldt: hoe zonniger, hoe meer en smakelijker de vruchten.

Geert Brantegem

Lees ook in Liefhebberstuin

Appels vergelijken met peren

Liefhebberstuin De eetbare tuin is in, en terecht. Vers geplukte appels, peren, kersen en pruimen smaken zoveel beter als je ze kan plukken uit de tuin. Niet alleen zijn ze knapperig vers, de keuze aan fruitrassen – en dus ook aan smaak – is veel ruimer dan de keuze binnen het gangbare, inlandse fruitassortiment dat wordt aangeboden in de supermarkt.
Meer artikelen bekijken