Biologische sector vindt opnieuw marktevenwicht
Tijdens de recentste inspiratie- en netwerkdag over biologische landbouw, die plaatsvond op Inagro in Roeselare, belichtte Paul Verbeke, ketenmanager bij BioForum, actuele trends in de biomarkt.

Partners voor de inspiratie- en netwerkdag waren naast BioForum ook Boerenbond, ABS, de Vlaamse overheid en de provincie West-Vlaanderen. Inagro faciliteerde het gebeuren. De eerste ‘biotrefdag’ uit de reeks is alweer 10 jaar geleden. Tijdens die periode evolueerde de markt enorm.
Trends in de markt
Dat zag ook Paul Verbeke, die als ketenmanager probeert vraag en aanbod op elkaar af te stellen. Zo is hij goed op de hoogte van de trends in de markt voor biologische producten.
Allereerst legde hij uit dat er niet zo iets bestaat als een ‘Vlaamse biomarkt’. “Het gaat eerder over een Europese markt of een markt die België en de ons omringende landen omvat. Ook al komt er geen product van het buitenland naar ons, toch heeft wat daar gebeurt een of andere invloed op de prijsvorming bij ons.”
Hij gaf ook aan dat de biologische productie de laatste jaren is gestagneerd. Er komen nauwelijks biolandbouwers bij en het areaal stijgt maar heel beperkt (vooral dan in Wallonië). Tussen de 2 landshelften blijkt een groot verschil in biologisch areaal te bestaan: iets in de grootteorde van 10.000 ha in Vlaanderen versus 90.000 ha in Wallonië (zie figuur 1).
Er wordt zelfs vastgesteld dat het bio-areaal lichtjes afneemt. Als reden hiervoor wordt vooral naar de oorlog in Oekraïne gekeken, die in 2022 startte naar aanleiding van de Russische agressie. “Door de hoge energieprijzen is er inflatie gekomen en zijn mensen enorm op hun uitgaven gaan letten. Hierdoor kreeg de biomarkt het moeilijk, kregen producenten hun waren moeilijk verkocht en waren er zelfs producten die afhaakten.”
Ons land doet het volgens Paul Verbeke niet zo slecht wat betreft biologisch landbouwareaal. Dit bedraagt zo’n 7,4%. “Maar dat is eigenlijk een vertekend beeld, want het grootste areaal zit in Wallonië. In Vlaanderen bedraagt het bio-areaal slechts 1,7%. Ter vergelijking: in Zweden ligt dit met 20% zeer hoog. Oostenrijk en Italië komen net iets achter voornoemd percentage.”

Bioconsumptie neemt jaarlijks toe
Waar het areaal niet toeneemt, neemt de biologische consumptie wel jaarlijks toe met gemiddeld 10%. Het jaar 2022 vormt hierop een uitzondering, met als verklaring de voornoemde redenen van inflatie en oorlog. “Gelukkig zien we dat de verkoop nu wel terug toeneemt en dat consumenten vertrouwen hebben in de biomarkt. Natuurlijk hangt veel af van de geopolitieke situatie. Na de oorlog in Oekraïne kwam er nog een oorlog in het Midden-Oosten bij. Het is nog onduidelijk wat dit gaat geven op de biomarkt, als ook deze oorlog lang aanhoudt.”
De meeste biologische producten worden bij ons verkocht via de klassieke supermarkt, zo’n 41% van het aanbod. De discounters waren rond 2018 zeer enthousiast over bioproducten, maar ondertussen is dit enigszins weggezakt.
De biomarkt doet het bij ons niet opvallend veel anders dan in andere Europese landen volgens Paul Verbeke. In verschillende landen in Europa zijn gelijkaardige trends te zien, namelijk een jaarlijkse groei van 10%, een sterke opmars voor Covid-19, een terugval na deze pandemieperiode en al zeker toen de oorlog in Oekraïne uitbrak.
Bio in het buitenland
Duitsland is de grootste ‘biomarkt’ in Europa (zie figuur 2) en ook daar zag je de terugval, met ondertussen nu terug een positieve groei. De omzet in de biomarkt groeit er, maar het blijkt voor Belgische bedrijven moeilijk te zijn om er aan de Duitse biocertificering te raken. “Het vergt veel administratie en bijkomende kosten, om uiteindelijk slechts een beperkte meerwaarde te genereren voor uw bedrijf.
In Frankrijk is een stagnatie merkbaar, al tonen biowinkels nu terug tekenen van groei. Supermarkten hebben daar een deel van de biologische producten uit de rekken gehaald. Het is dan logisch dat, wanneer het aanbod afneemt, ook de verkoop terugloopt. Frankrijk kende een heel sterke groei met bioproducten, misschien wel te sterk. Dat kan de stagnatie verklaren. ‘Bio’ heeft er veel last van andere labels die opduiken en die pretenderen evenwaardig te zijn, maar dat klopt niet voor mij”, aldus Verbeke.
Denemarken heeft met 11,6% dan weer een heel groot marktaandeel binnen Europa. “Voor sommige producten gaat dat heel ver. Zo is de helft van de havermout daar van biologische oorsprong. Bij de wortelen ligt dat op 59%, bij bananen op 63% en bij plant based drinks ligt dit zelfs op 72% van biologisch oorsprong. Het percentage van Denemarken kennende, heeft België met een biomarktaandeel van 5 à 6% nog veel werk voor de boeg om ze bij te benen. Niettegenstaande dit, is er een positieve marktevolutie bij ons.”

Van stabiel naar volatiel
Paul Verbeke verwees ook naar de goede oogst die vorig jaar gerealiseerd werd door de specifieke weersomstandigheden, met soms een overproductie aan bijvoorbeeld, aardappelen, appelen en sommige groenten. Dat hebben we ook in de gangbare landbouw gemerkt. Door de overproductie geraakten sommige producten moeilijk verkocht.
De ketenmanager wees erop dat biologische landbouwers contracten hebben met afnemers zoals groothandel en industrie. “Deze zijn goed en worden gerespecteerd. Het is alleen moeilijk om datgene wat boven het contract geproduceerd is, afgezet te krijgen.”
De sector van de biologische graanteelt doet het momenteel vrij goed en daar is veel enthousiasme merkbaar volgens Paul Verbeke. “In de nasleep van de oorlog in Oekraïne fluctueerde ook deze markt doorheen de jaren. Dit niet omdat er een tekort aan biologisch graan is of omdat de prijzen stegen; maar wel omwille van de paniek die toen merkbaar was in de gangbare graanmarkt die de biomarkt leegkocht. Dat we een stijgend verbruik van biologisch brood zien, bevestigt de eerder genoemde tendens op de biograanmarkt.”
De biologische melksector kent een gelijkaardig verhaal als hiervoor genoemd: groei voor Covid-19, stagnatie erna. In Frankrijk en Denemarken loopt de biologische melkproductie terug. In andere landen zoals België en Nederland neemt ze dan weer toe.
Volgens cijfers die Paul Verbeke presenteerde, was de biologische melkprijs relatief stabiel tot 2022. “Dan is de gangbare melkprijs op nagenoeg hetzelfde niveau gekomen als de biomelkprijs. Waar de gangbare melkprijs eerder van maand tot maand fluctueert, doet de biomelkprijs dit van jaar tot jaar. Als een prijsstijging bij biologische melk nodig is, is dit niet evident om te onderhandelen gedurende het jaar. De biomelkprijs is eerder stabiel en de gangbare volatiel.”
De biologische geitenhouderij heeft het volgens Verbeke heel moeilijk gehad in de periode na de start van de oorlog in Oekraïne en de inflatie. “Duurdere bioproducten werden toen minder gekocht en net producten uit de biologische geitenhouderij vallen daaronder. Ondertussen zien we dat nu de prijs wel stijgt en dat er terug een toenemende vraag is naar biogeitenmelk.”
Het is een genuanceerder verhaal als we de markt van de biologische groenten bekijken. Voor sommige groenten is er een goede afzet, voor andere is het moeilijker. Biologische groentetelers die een vaste afspraak hebben met een afnemer (groothandel of andere) zijn relatief tevreden. Wie op de vrije markt actief is, heeft het moeilijker.
Een positief verhaal beleefde de biologische leghennensector, met een continue groei en stabiele prijzen, opnieuw weer tot het jaar 2022. Met de gestegen graanprijzen op de wereldmarkten, gingen de voederkosten sterk omhoog en de rendabiliteit van biologische leghennenbedrijven naar beneden. Hoewel de prijs voor een bio-ei terug aantrok, zijn de producenten niet zo tevreden, omdat de prijs die betaald wordt voor een gangbaar ei die van de bio-eieren heeft ingehaald.
Net zoals in de melksector, wees Verbeke ook hier op het aspect dat afspraken met afnemers in de biologische sector doorgaans voor een jaar gemaakt worden en dat de prijs tussentijds moeilijk omhoog te krijgen is. “In de sector van de gangbare eieren fluctueert de prijs wekelijks. Er is wel een duidelijk vraag in de markt naar biologische eieren.”
Knelpunten en kansen duiken op
Verbeke stelde ook dat er een knelpunt opduikt voor de ontwikkeling van de biologische leghennensector, namelijk de regelgeving rond ‘stikstof’. Hij concludeerde dat het heel moeilijk is om een gangbaar leghennenbedrijf om te schakelen naar bio en nog te voldoen aan de stikstofregelgeving. “Op een gegeven moment wordt het allemaal niet meer rendabel.”
Hij wees nog op een ander knelpunt, namelijk de supermarktoorlog. “Er is een enorme concurrentie tussen de supermarkten en dat drukt op de prijs. Supermarkten geven hierdoor zelfs geen voorrang meer aan (biologische) producten van Belgische afkomst, maar gaan omwille van de ‘prijsstrijd’ naar producten van buitenlandse origine.”
De ketenmanager onderstreepte heel duidelijk dat er knelpunten, maar ook kansen zijn. “Om de kansen verder te benutten, is het belangrijk om de positieve punten van bioproducten kenbaar te maken. Daarom heeft BioForum vorig jaar de brochure ‘bio kan de wereld redden’ gemaakt. Er wordt hierin ingegaan op de voordelen van bioproducten op het vlak van onder andere dierenwelzijn, bodem en klimaat.”





