Johan en Dieter Debruyne winnen tweede Koperen Kievit-award
Johan en Dieter Debruyne, die in Diksmuide het vleesveebedrijf Hof ter Wilgen uitbaten, zijn de winnaars van de tweede editie van de Koperen Kievit-award. Met deze award zet Boerennatuur Vlaanderen landbouwers in de kijker die zich op uitzonderlijke wijze inzetten voor de natuur, het milieu en het landschap op en rond hun bedrijf.

Vlaams minister van Landbouw en Omgeving Jo Brouns (cd&v) overhandigde de prestigieuze prijs op het akkerbouwbedrijf van Jos en Els Depotter in Koksijde, de winnaars van de eerste Koperen Kievit. De award opende voor hen veel nieuwe deuren. Zo brachten ze ter gelegenheid van de uitreiking van de tweede award samen met bakkerij De Cock uit Oostende een kievitbrood uit, gemaakt met tarwe van hun hoeve.
Voor de tweede editie stelden zich 18 landbouwers kandidaat. Vijf van hen werden genomineerd op basis van hun inzet voor de bodem, het water, het landschap en de biodiversiteit. Na een publieks-stemming werden Johan en zijn zoon Dieter Debruyne verkozen tot winnaar.
Inspirerend voorbeeld
Op hun bedrijf Hof ter Wilgen in Diksmuide, een vleesveebedrijf met runderen van het West-Vlaamse rode ras, combineren Johan en Dieter landbouwproductie met een sterke inzet voor boerennatuur. Zo beheren ze een honderdtal knotwilgen en een 15-tal fruitbomen die het landschap versterken en schaduw bieden aan het vee. Verder voelen boerenzwaluwen zich thuis in de stallen – met minder vliegen tot gevolg – en zetten ze via groenbemesters en kringlooplandbouw sterk in op een gezonde bodem.
“We telen gras, maïs, aardappelen, schorseneren, spinazie en triticale (8 ha), waarvan we het graan vervoederen aan onze dieren. Dit jaar zaaiden we voor het eerst ook spelt”, zegt Dieter. “Via de teelt van veldbonen produceren we ook eigen eiwitten voor ons vee en versterken we de bodemvruchtbaarheid. Het bonenstro wordt verhakseld en gemalen en gebruikt als strooisel voor de dieren. Dit komt samen met de stalmest terug op het land als bodemverbeteraar. Ook groenbemesters zoals zonnebloemen en phacelia dragen bij aan een gezonde bodem”, vult Johan aan. Via de korte keten en investeringen in zonnepanelen en een windmolen zetten vader en zoon volop in op duurzaamheid. Met deze geïntegreerde aanpak tonen ze dat landbouwproductie, biodiversiteit, bodemzorg en landschapsbeheer hand in hand kunnen gaan.
Meer samenwerken met de natuur
“Boer en natuur gaan al eeuwenlang samen. Als lid van de landbouwraad en van de milieuraad van Diksmuide probeer ik steeds goed samen te werken. Samenwerken met de natuur is ook de toekomst, zeker gezien de klimaatverandering”, reageerde Johan na de uitreiking van de award. “Maar veel landbouwers zijn bang om te investeren in de natuur. Zo zijn ze bijvoorbeeld niet zeker dat de boom die ze willen planten over pakweg 10 jaar nog wel van hen zal zijn en zelfs tot belemmeringen rond toekomstige omgevingsvergunningen zal leiden. Er is dus nog een hele weg te gaan, niet alleen door de landbouwers, maar ook door het beleid om de samenwerking tussen boeren en natuur verder uit te bouwen. Heel wat landbouwers staan daar zeker voor open”, zei Johan Debruyne in zijn dankwoord.
Naast de Koperen Kievit-award ontvingen de winnaars een cheque ter waarde van 2.000 euro en 1 kg bloemenmengsel. Ook de andere genomineerden – Raf Wouters (Tongeren-Borgloon), Veerle Vekeman (Geraardsbergen), Joeri Dewelde (Linter) en Peter Bauwens (Herzele) – werden in de bloemetjes gezet en ontvingen een pakket bloemenmengsel als waardering voor hun engagement.
Boerennatuur als gedeelde uitdaging
Net voor de uitreiking gingen minister Brouns, Boerenbond-voorzitter Lode Ceyssens, ABS-voorzitter Bruno Vincent en algemeen directeur van Natuurpunt Noah Janssen met elkaar in gesprek over de toekomst van de boerennatuur in Vlaanderen. Daarbij kwamen onder meer de waardering voor landbouwers, de drempels om maatregelen te nemen, de rol van het beleid, gebiedsgerichte samenwerking en het versterken van het vertrouwen tussen de landbouw- en natuursector en de overheid aan bod.
“Boerennatuur toont dat landbouw en natuur geen tegenpolen zijn, maar eeuwenoude bondgenoten die elkaar kunnen versterken als we het goed aanpakken. De winnaars en genomineerden van deze award bewijzen elke dag op hun bedrijf vanuit hun intrinsieke motivatie dat investeren in biodiversiteit, bodem en water hand in hand kan gaan met een sterke landbouw. Vertrouwen is daarbij cruciaal: dat vraagt duidelijkheid, respect en erkenning voor de inspanningen van onze landbouwers”, zei minister Brouns.

Biodiversiteit, een bedreiging?
Volgens Lode Ceyssens toont de Koperen Kievit-award aan dat landbouwers elke dag opnieuw aan de slag gaan met haalbare en effectieve oplossingen om natuur- en milieudoelen te realiseren. “We moeten vertrouwen geven aan onze boeren om te investeren in biodiversiteit. Biodiversiteit mag niet bedreigend zijn voor onze landbouwers, aldus Ceyssens. “Mits ondersteuning en een rechtszeker beleid waarbij eigen natuurinspanningen de be-drijfsvoering niet hypothekeren, kunnen we nog veel grotere stappen vooruitzetten dan degene die vandaag al gebeuren.”
Noah Janssen pikte in op die bedreiging voor landbouwers. “Het grootste deel van Vlaanderen be-staat uit oude cultuurlandschappen. Landbouwers zijn hier in de eerste plaats aan zet, ze kunnen heel veel met en voor de natuur doen. Natuur zou inderdaad geen bedreiging mogen zijn voor landbouwers, we moeten hier samen oplossingen voor zoeken.”
Pioniers
Bruno Vincent noemde de kandidaten voor de award echte pioniers. “Ze nemen risico’s en durven de stap zetten om te boeren op een andere manier. Het is in de landbouw heel belangrijk om voorbeelden van mensen te hebben die tonen dat er op die andere wijze ook een businessmodel mogelijk is. De grootste drempel voor landbouwers is immers dat ze bang zijn om in hun eigen voet te schieten, dat ze iets doen wat hun op termijn zuur zal opbreken. In de wetgeving zou moeten voorzien worden dat er kan worden teruggekomen op bepaalde zaken. Opvallend vind ik de enorme diversiteit aan mogelijkheden om met boerennatuur aan de slag te gaan.”
Intensieve samenwerking
Minister Brouns pleitte ervoor om het juridische zwaard van Damocles weg te halen. “Eigenlijk zouden we in Vlaanderen tot zones moeten komen waarbij we niet voor het ene of andere model kiezen. Waarbij je dus niet kiest voor de intensieve landbouw of exclusieve inclusieve topnatuur, maar voor intensieve samenwerking. En waarbij je daar als het ware naar regelluwe zones gaat, om daar veel meer samen te kunnen gaan doen op het terrein. Dat zou een heel belangrijke gamechanger kunnen zijn om het vertrouwen tussen landbouw en natuur te herstellen.”





