Startpagina Melkvee

Belgische export zuivelproducten evolueert positief

Sinds 2014 voert VLAM, met steun van de Europese Unie, actief promotie in landen buiten de EU (derde landen). In wat volgt bekijken we de evolutie van onze Belgische export. Aan de hand van de Belgische exportcijfers beschrijft VLAM de export naar de EU-28 en naar derde landen. Vervolgens zoomen we specifiek in op de regio’s waar VLAM met de Europese campagne ‘White Gold, from the heart of Europe’ aanwezig is.

Leestijd : 4 min

Zuivelexport in stijgende lijn

Algemeen kunnen we een positieve evolutie vaststellen voor de Belgische export van zuivelproducten naar de wereld. Sinds 2014 stijgt het geëxporteerde volume zuivelproducten met zo’n 1,3% en de exportwaarde met zo’n 8,7% om in 2017 uit te komen op 2,2 miljoen ton, goed voor een waarde van 3,6 miljard euro. Ook de eerste 6 maanden van 2018 tonen een Belgische export die mooi op koers zit.

EU belangrijkste afzetmarkt

De EU-28 is onze belangrijkste afzetmarkt en met een aandeel van 90% onze thuismarkt. De Europese markt lust, uitgedrukt in volume, vooral onze consumptiemelk (31% aandeel in 2017). Samen met kaas (incl. smeltkaas), wei, karnemelk en melkdranken vormen zij de top 5 van belangrijkste Belgische exportproducten voor de EU-28. Uitgedrukt in equivalenten rauwe melk ziet het belang van producten er enigszins anders uit met als topexportproducten kaas en boter; resp. 28% en 26% van de Belgische rauwe melk die naar de export gaat binnen de EU, wordt verwerkt tot en geëxporteerd als kaas en boter.

Binnen Europa organiseert VLAM al decennialang groepsstanden op de grootste vakbeurzen, waar de hele wereld present tekent. De vakbeurzen in Parijs, Keulen en Barcelona vinden om de 2 jaar plaats, die in Amsterdam is jaarlijks. De Vlaamse zuivelexporteurs kunnen hier aan deelnemen via VLAM en betalen hiervoor de helft van de kostprijs. De andere helft financiert VLAM met zijn promotiefonds zuivel.

Export buiten Europa boomt

De Belgische export naar derde landen kent een sterke stijging sinds 2014 (+20%) en vooral 2017 was een sterk exportjaar, waarin we uitkomen op een volume van ruim 230.000 ton, goed voor een waarde van 495 miljoen euro. Melkpoeder is met een volumeaandeel van 63% veruit ons belangrijkste exportproduct voor landen buiten Europa. Melk, boter, kaas en wei vervolledigen de top 5. Ook wanneer we de cijfers uitdrukken in equivalenten rauwe melk blijft melkpoeder met ruime voorsprong op nummer één staan.

Concreet voert VLAM in het kader van het Europees programma acties via vakbeurzen in de Verenigde Arabische Emiraten, Singapore, Indonesië en China, waar de zuivelbedrijven hun kwalitatief hoogwaardige zuivelproducten aan de man brengen. Vanuit die “hubs” krijgen we voet aan de grond op het Arabische schiereiland en de omliggende regio, Zuidoost-Azië en uiteraard Indonesië en China.

Voor deze regio’s zien we dat de Belgische export ook hier een zeer positief verhaal optekent met voortdurend stijgende exportcijfers. Voor de periode 2014-2017 betekent dit een stijging van maar liefst 45%, goed voor een exportvolume van ruim 102.000 ton in 2017 of een waarde van ruim 218 miljoen euro. Dit betekent dat deze regio’s in 2017 een aandeel hebben van 44% in onze Belgische export naar derde landen.

Zuidoost-Azië

In de regio Zuidoost-Azië zijn Belgische zuivelproducten steeds meer aanwezig. Indonesië is er onze belangrijkste afzetmarkt met ruim 55.000 ton, maar ook de Filipijnen en Thailand nemen steeds meer volume af. Onze export naar China doet het zeer goed, met volumes die in de eerste 6 maanden van 2018 al bijna het vorige jaar overschrijden. De landen in de regio van het Midden-Oosten waar Belgische producten het goed doen zijn Saoedi-Arabië en de Verenigde Arabische Emiraten, maar ook zeker Jordanië en Libanon nemen veel Belgisch volume af.

Exportprogramma’s positief geëvalueerd

De uitvoering van ons Europees programma behelst voornamelijk deelnames aan vakbeurzen en PR-campagnes op de doelmarkten. Aan deze acties nemen niet alleen de Vlaamse, maar ook de Waalse zuivelindustrie deel. VLAM’s zusterorganisatie APAQ-W voorziet hiervoor een budget. Deze acties worden ook geëvalueerd zodat kan bijgestuurd worden waar nodig. Dit gebeurt via een marktonderzoeksbureau dat bij onze B2B-doelgroep (professionele inkopers, foodservice, retail,…) navraag doet over onze aanwezigheid op internationale vakbeurzen en het imago van onze Belgische zuivelproducten. Hieruit blijkt dat Belgische zuivelproducten goed scoren op de boodschappen die wij uitdragen op deze markten; ze worden aanzien als producten met een lange traditie, als smaakvolle, streng gecontroleerde en kwalitatieve producten, waar bovendien een ruim assortiment van beschikbaar is.

Ook de tevredenheid over de Belgische stand op de buitenlandse vakbeurzen wordt geëvalueerd en scoort goed en dit zowel bij de B2B-standbezoekers als onze eigen exporteurs.

Voor de periode 2018-2021 is VLAM opnieuw via beursdeelnames aanwezig in deze markten zodat we kunnen voortbouwen op de reeds geboekte resultaten.

In de Verenigde Arabisch Emiraten en China is VLAM jaarlijks present, terwijl in Zuidoost-Azië en Indonesië iedere 2 jaar een beurs met uitstraling plaatsvindt.

Financiering

De steun vanuit de EU voor onze zuivelpromotie biedt zoals hierboven duidelijk is, zeer grote kansen aan Belgische zuivel op de wereldmarkt. VLAM blijft sterk inzetten om deze ondersteuning te blijven binnenhalen door ijzersterke dossiers in te dienen.

De bijdrage van de EU is groot. Voor elke euro die de sector bijdraagt, past Europa er 4 bij. Langs producentenzijde dragen zowel de Waalse als Vlaamse melkveehouders bij. Concreet betalen VLAM en zijn financiers 10 % van de kosten van het EU-project.

VLAM

Lees ook in Melkvee

ILVO op zoek naar toekomstbestendige bedrijfsconcepten in de melkveesector

Melkvee Hoe kunnen individuele melkveebedrijven hun toekomst beveiligen in de veranderende context die zich aandient? In opdracht van de Vlaamse Landmaatschappij hebben ILVO-onderzoekers 10 denkpistes ontwikkeld rond deze vraag. Twee scenario’s zijn ten volle uitgewerkt en doorgerekend qua economisch, ecologisch, ruimtelijk en maatschappelijk effect. Zij vertrekken alle 2 van de hypothese dat een melkveebedrijf 15% minder koeien zou aanhouden en dat er met de vrijgekomen ruimte en arbeid andere verdienactiviteiten worden uitgebouwd.
Meer artikelen bekijken