Belgapom: Nederland neemt pootgoedfraude onvoldoende serieus

Belgische telers van consumptieaardappelen zijn ernstig gedupeerd door de fraude met NAK-certificaten.
Belgische telers van consumptieaardappelen zijn ernstig gedupeerd door de fraude met NAK-certificaten. - LBL

De keuringsdienst NAK en de NVWA - de Nederlandse FAVV - komen te laat met te weinig informatie over de brug nadat fraude met pootgoedcertificaten in ons land is ontdekt. Daarbij lijkt ook de traceerbaarheid verre van op orde te zijn. In tegenstelling tot Franse en Belgische certificaten wordt enkel een telersnummer vermeld, zonder partij- of stamnummer.

Het door de gedupeerde gestockeerde of uitgeplante pootgoed wordt vernietigd en gecontracteerde volumes kunnen straks niet geleverd worden. De financiële schade wegens de vernietiging of niet niet levering van de gecontracteerde consumptieaardappelen kan hoog oplopen. Dit kan ertoe leiden dat mogelijk nog meer telers die zo’n pootgoed zouden ontvangen hun mond houden uit angst voor de schade.

Hoe deze verhaald kan worden op de daders is immers onduidelijk. Het is immers de vraag of de betrokken fraudeurs de schade kunnen betalen. Een lange procedure ligt in het vooruitzicht. Een alternatieve schaderegeling via een fonds is niet voor handen voor deze fraude.

Fytosanitair probleem

Cools wijst erop dat de Belgische sectorfederaties niet begrijpen dat nadat de Nederlandse voedselwarenautoriteit het FAVV heeft bevestigd dat de fytosanitaire kwaliteit van dit illegaal pootgoed niet kan gegarandeerd worden, het FAVV beslist heeft om conform de wetgeving de partijen te laten vernietigen. In Nederland blijkt dit echter niet in vernietiging te resulteren. “Veel Belgische handels- en verwerkingsbedrijven hebben het gevoel dat de Nederlandse pootgoedbedrijven hen als hun belangrijkste afnemers onvoldoende ernstig nemen”, aldus Cools. “Via Belgapom hebben we dit in het verleden al aangekaart.”

De NVWA – in feite de Nederlandse FAVV – heeft de certificering uitbesteed aan een private partij, de NAK. “Dat is hun keuze en dat respecteren we. Maar als nu blijkt dat er wordt gefraudeerd en men zelfs in de Nederlandse pootgoedsector eigenlijk geen idee heeft van de omvang van het probleem, dan stellen we ons vragen. Men beschikt in Nederland over een imposante en toonaangevende pootgoedsector, die toonaangevend is, maar buiten de rasontwikkeling groeit de vraag of men daar momenteel alle zaken toch helemaal op orde heeft.”

Kwaliteit pootgoed neemt af

“Immers ook over de kwaliteit van het Nederlandse pootgoed worden bij onze bedrijven ook steeds meer vragen gesteld”, merkt Cools op. In Nederland zelf is dat ook zo. “Ik zeg niet dat het Nederlandse pootgoed niet goed meer is, maar de indruk bestaat dat de kwaliteit vermindert. Zelfs Geert Staring van Breeders’ Trust stelt deze vraag in een gesprek met de Nederlandse vakmedia. Ook melden onze leden steeds vaker logistieke problemen. Als dan nu blijkt dat Nederland geen grip heeft op fraude, dan kan de relatie verkoper-koper onder druk komen te staan. Het risico bestaat dan dat meer en meer Belgische telers hun vertrouwen in gecertificeerd pootgoed verliezen en terugvallen op hoevepootgoed. Dan zijn we verder van huis.”

Zelf licentierassen produceren

Dat de Nederlanders over de kwestie niet van de daken schreeuwen, begrijpt Cools. “Ik zou het ook in stilte aanpakken, als ik in hun schoenen stond. Maar gezien het gebrek aan communicatie wordt gevreesd dat ze niet in die stilte werken aan een beter controle- en traceerbaarheidsysteem, maar hopen dat de storm overwaait. We stellen vast dat de Franse aardappelketen voor eigen productie - ook van licentierassen - kiest. Misschien kan men dit ook in ons land overwegen.”

Jan Cees Bron

Meest recent

Meest recent