Startpagina Akkerbouw

Wat kost beregening?

Duurzaam irrigeren was een belangrijk topic tijdens Wereldwaterdag. Het moet echter economisch interessant blijven voor de landbouwer, ook in jaren van droogte. Beregenen kost geld, maar staven met exacte cijfers is moeilijk. Vaste kosten zoals investeringen en onderhoud en ook variabele kosten zoals arbeid en energie zijn immers bedrijfsafhankelijk. Als je water door loonwerkers laat aanvoeren is er nog een extra kost. Met de beregeningstool kan je zelf je kosten uitrekenen.

Leestijd : 7 min

We hebben het overal kunnen lezen: de weersomstandigheden worden extremer. Denk maar aan lange natte of extreem droge periodes, overstromingen, hagel en vorst ... Vooral rond het beregenen van openluchtgroenten en aardappelen was er in het afgelopen jaar veel te doen. Binnen het demonstratieproject ‘Beredeneerd beregenen van openluchtgroenten en aardappelen’, dat wordt uitgevoerd met de steun van het Departement Landbouw en Visserij, tracht men de kost van beregening te bepalen. Daarnaast werd er een beregeningstool opgesteld.

Deze beregeningstool is een hulpmiddel voor landbouwers om zelf de kostprijs van hun beregening te bepalen. Een uitgewerkt voorbeeld toont in dit artikel wat dit mogelijk kost.

Kostprijs beregening niet te onderschatten

Water is een belangrijke productiefactor en landbouwers hebben die factor dan ook maar al te graag zelf in de hand. Maar de kostprijs van beregenen is niet te onderschatten. Water beschikbaar hebben in de buurt van de percelen zorgt ervoor dat je de kosten van de wateraanvoer kan beperken of uitsluiten. Maar de kostprijs van beregenen hangt ook samen met de beregeningstechniek (beregeningshaspel met boom of kanon, watervat of aalton, druppelirrigatie), het energieverbruik van de pomp (elektrische energie of brandstof) en de arbeid. Het is duidelijk dat de kostprijs van beregening afhankelijk is van veel factoren en bijgevolg niet eenduidig te bepalen is.

Vaste kosten zeer bedrijfsafhankelijk

Vaste en variabele kosten bepalen samen de kostprijs van beregenen. Vaste kosten zijn bijvoorbeeld de aankoop van een beregeningshas-pel met boom of kanon, druppelirrigatie of watervat. Maar ook de investeringen in een pomp, buizen, koppelstukken en de onderhouds- of herstellingskosten moeten hierin verrekend zijn. Daarnaast zijn er ook vaste kosten voor de aanleg van een open put, foliebassin en de leidingen naar het perceel (bovengronds/ondergronds). Ook afschrijving, rente, verzekering, onderhoud en herstellingen vallen onder de vaste kosten. Al deze verschillende aspecten maken dat de vaste kosten voor elk bedrijf anders zijn, afhankelijk van de oppervlakte die je beregent.

Een rekenvoorbeeld: stel dat je als teler € 50.000 aan investeringskosten hebt gehad, dan bedragen de vaste kosten per jaar ongeveer € 3.578 (afschrijvingsperiode van 15 jaar, afschrijvingspercentage 7%).

Energieverbruik en arbeid wegen door bij frequente beregening

Het energieverbruik en de nodige arbeid zijn de variabele kosten. De variabele kosten zullen zwaarder doorwegen naarmate meer moet worden beregend. In het najaar van 2018 werden verschillende bloemkool- en preitelers gecontacteerd in verband met de beregening op hun bedrijf. Er werden vragen gesteld rond hun energieverbruik, de nodige arbeidsuren, de afkomst van hun water en hoeveel water er per beregeningsbeurt nodig was. De cijfers in dit rekenvoorbeeld zijn voornamelijk gebaseerd op de bevraging van bloemkooltelers.

Het energieverbruik van een po m p hangt af van de aandrijving. Er zijn telers die de pomp aandrijven met brandstof, anderen met elektriciteit. Het verbruik van dieselmotoren ligt tussen de 10 en de 12 liter per uur en het aantal draaiuren varieert van 5 tot 10 uur per beregeningsbeurt. Stellen we dat de kostprijs van diesel op € 0,60 per liter ligt, dan zal één beregeningsbeurt een energiekost van  € 30-72 per ha veroorzaken. Hierbij moet je ook nog kosten voor de tractor in rekening brengen, ongeveer € 15 per uur. Telers die met elektrische energie pompen aandrijven, hebben een minder grote energiekost. Een pomp met een vermogen tussen 10-22 kW, met eveneens 5-10 draaiuren per beurt en aan

€ 0,25 per kWh, komt aan een energiekost van € 12,5-55 per ha.

Beregenen vraagt natuurlijk ook arbeid: de beregeningshaspel verplaatsen naar een ander perceel, slangen klaarleggen en aansluiten en de opvolging tijdens het beregenen. Landbouwers besteden hier individueel makkelijk 5 uur aan per beurt. Beregening gebeurt voornamelijk ‘s nachts, zodat deze arbeid tijdens een lang droog seizoen zwaar kan doorwegen voor de telers.

In tabel 1 tonen we een illustratief voorbeeld van een fictief bedrijf dat bloemkool en aardappelen teelt.

BEREGENING 1

Water zelf aanvoeren over meer dan 5 km niet aangewezen

Wanneer water dicht bij het te beregenen perceel beschikbaar is, zijn er duidelijk minder kosten. De kosten voor water nabij het perceel zijn bijna te verwaarlozen, er zijn dan enkel de heffingen op het watergebruik. Dit is ook de reden waarom landbouwers graag over hun eigen watervoorziening beschikken. Landbouwers die meer dan 5 km ver water moeten gaan halen, beginnen hier niet aan of schakelen een loonwerker in. Een eenvoudige rekenregel om de kostprijs van wateraanvoer te bepalen is: 1 m³ water aanvoeren kost  € 2. De gemiddelde kostprijs die loonwerkers aanrekenen is € 65 per uur, meestal kunnen één of twee watertanks per uur gevuld en gelost worden bij het perceel. Twee watertanks per uur halen is mogelijk wanneer een waterbron binnen een straal van 5 km van het perceel verwijderd is.

Bekijken we terug het fictief bedrijf uit het voorbeeld. Een bloemkoolperceel ligt nabij zijn waterput, hiervoor heeft hij geen loonwerker nodig. Het aardappelperceel ligt verder weg (5-10 km), hiervoor schakelt hij een loonwerker in die over een tank beschikt van 22 m³. De kostprijzen per beregeningsbeurt (€/ha) voor dit fictief bedrijf worden weergegeven in tabel 2. Ook wanneer de landbouwer op minder dan 5 km of verder dan 10 km water kan halen, wordt ter vergelijking weergegeven.

BEREGENING 2

Kies de meest geschikte beregeningstechniek

Water is absoluut noodzakelijk tijdens de groeiperiode. Een constante watervoorziening is belangrijk maar niet altijd haalbaar om praktische en economische overwegingen. Het is dus goed om beredeneerd om te springen met het beschikbaar water en op het juiste moment de juiste hoeveelheid water te doseren. Water draagt bij tot de kwaliteit van het product. Het is ook belangrijk om de meest geschikte beregeningstechnieken voor een perceel en een teelt te gebruiken. Een beregeningsboom geeft fijnere druppels en het water kan dichter bij de plant worden gebracht ten opzichte van een kanon. Druppelirrigatie geeft kleinere hoeveelheden water dichtbij de wortels.

Daarbovenop moet je ook nog rekening houden met mogelijke captatieverboden. Dat kan de waterbeschikbaarheid sterk beperken waardoor landbouwers minder kunnen beregenen. Bovendien kan de aanvoerkost hierdoor ook sterk oplopen.

Druppelirrigatie geeft kleinere hoeveelheden water dichtbij de wortels.
Druppelirrigatie geeft kleinere hoeveelheden water dichtbij de wortels. - PCG

Beregening in aardappelen: baten moeilijk te voorspellen

De variabele kosten lopen ook in de teelt van aardappel sterk uiteen van jaar tot jaar, afhankelijk van de situatie. Hetzelfde geldt ook voor de baten. In 2017 was er een periode van lange, intense droogte in het voorjaar. Uiteindelijk kwam de regen toch nog (net) op tijd en in voldoende mate. Zowat alle akkerbouwgewassen lieten uiteindelijk historisch hoge opbrengsten per hectare optekenen. Wie tijdens de droogte al de moeite had gedaan om te beregenen in bewaaraardappelen, kreeg daar op het einde van het seizoen geen meeropbrengst voor terug ten opzichte van collega’s die niet beregenden. Of beregening financieel rendabel is, is dan ook moeilijk te voorspellen op het moment dat er moet beslist worden om de beregening in te zetten.

Uiteindelijk is het moeilijk om te stellen dat beregening gegarandeerd resulteert in een meeropbrengst. Beregening moet in de teelt van bewaaraardappelen meer gezien worden als een verzekering voor langdurige droge omstandigheden. Gezien de korte groeiduur is dat in de teelt van vroege aardappelen uiteraard anders: elke groeivertraging door de droogte resulteert daar zeker in een lagere opbrengst. Naast opbrengst is er uiteraard ook het aspect kwaliteit: van een gewas dat een gelijkmatiger groei doorgemaakt heeft, mag je verwachten dat het minder problemen kent in de bewaring en verwerking.

Beregening biedt meer zekerheid voor het invullen van het contract – al resten er uiteraard nog scenario’s zoals overstroming, hagelschade… Wie mogelijk bij de afhandeling van een contract nog 10 of 15 ton per ha aardappelen moet bijkopen aan € 200 of 250 per ton wordt uiteraard ook geconfronteerd met een dure factuur.

Waterbeschikbaarheid is grote uitdaging

Om te kunnen beregenen heeft men uiteraard toegang tot water nodig. In de voorbije jaren heeft de droogte er al toe geleid dat er beperkingen qua beregenen en/of oppompen werden ingesteld. In ons land – met een hoge dichtheid aan bevolking en landbouwhuisdieren – is de drinkwatervoorziening in periodes van langdurige droogte een uitdaging. Er mag dan ook verwacht worden dat beperkingen inzake beregening en/of oppompen een terugkerend fenomeen zijn. Als sector moeten we dan ook op zoek gaan naar toedieningswijzen die zo efficiënt mogelijk omspringen met het beschikbare water. Mede gezien het belang van de kostprijs voor de aanvoer van water is een installatie die zuinig is in waterverbruik relatief snel terugverdiend. Mogelijk komt bijvoorbeeld ook druppelirrigatie in de kijker. Praktijkonderzoek in Nederland lijkt aan te geven dat druppelirrigatie in aardappelen resulteert in een hoger knolaantal, grotere knollen en iets sterker loof. Op het PCG werd in 2018 een proef in prei en courgette aangelegd met druppelirrigatie, de objecten met druppelirrigatie toonden veelbelovende resultaten.

In de provincie West-Vlaanderen zijn er een aantal bufferbekkens aangelegd. In Kinrooi en Ardooie is een netwerk aangelegd om water beschikbaar te stellen voor beregening. Moeten er meer dergelijke initiatieven van overheid en ondernemingen komen? In onder meer het Verenigd Koninkrijk is het normaal dat aardappel- en uientelers bassins aanleggen zodat in de natte wintermaanden een watervoorraad kan worden aangelegd. Moeten we daar in Vlaanderen ook naar toe? Is dit haalbaar (financieel, vergunningen, …)?

Beregeningstool als hulpmiddel bij kostprijsberekening

Omdat de kostprijs van beregening zo bedrijfsspecifiek is, werd een beregeningstool ontwikkeld. Dat is een rekenblad in Excel waar telers hun vaste en variabele kosten kunnen ingeven. Hiermee krijg je een overzicht van de totale kosten voor het bedrijf.

Het doel van de beregeningstool is dat landbouwers een betere inschatting kunnen maken van wat beregening ongeveer zal kosten voor hun bedrijf. Deze tool is louter indicatief en kan dan ook niet strikt worden gehanteerd. De berekeningstool is beschikbaar via de website van het PCG (www.pcgroenteteelt.be) en Inagro (www.inagro.be).

G. Tavernier (PCG),

K. Cornelissen (PCA)

Lees ook in Akkerbouw

Plagen: bladluizen zeer variabel bij bieten

Bieten Bij de eerste bieten, gezaaid op 10 april, beginnen de rijen te sluiten, terwijl de laatst gezaaide bieten amper het 4-bladstadium bereiken. Voor deze laatste is het zeker steeds belangrijk om attent te zijn voor bladluizen, meldt het Koninklijk Belgisch Instituut tot Verbetering van de Biet vzw (KBIVB).
Meer artikelen bekijken