Startpagina Aardappelen

Beproeving van 5 chipsrassen: kwaliteit overwegend goed

In 2021 werden op 3 locaties in Vlaanderen rassenproeven aangelegd in het kader van het Programma Landbouwcentrum Aardappelen. Op 2 locaties, in Wannegem-Lede en Kortrijk, werden 5 chipsrassen beproefd. De netto-opbrengst +35mm bedroeg 41 ton/ha.

Leestijd : 7 min

E lk van de 3 proefvelden werd geplant tussen 24 april en 7 mei. Door de regionale spreiding van de proefvelden zijn er steeds verschillen in groeiomstandigheden, zelfs binnen het kleine Vlaanderen.

Het groeiseizoen 2021 werd gekenmerkt door een koude, trage start. Daarna volgende een wisselvallige zomer en een mooie maand september. Plaatselijk viel er heel veel neerslag op korte tijd (vooral in het oosten). De referentie voor de chipsrassen Lady Claire haalde gemiddeld 33,2 ton/ha. De friet- en chipskwaliteit was overwegend goed.

Er wordt steeds getracht om uitsluitend gebruik te maken van groot pootgoed van ± 35/50 mm. De plantafstand in de rij werd aangepast per ras: er werd een afstand van 30 à 34 cm aangehouden voor de chipsrassen. Bij één chipsras werd uiteindelijk toch kleiner pootgoed geleverd (28/40 mm), dat werd geplant op 28 cm in de rij.

De bemesting gebeurt steeds op basis van een grondontleding in het voorjaar. Er wordt gestreefd naar een stikstofgift die geadviseerd wordt voor het referentieras. Voor het ras SH C 909 mag de stikstofbemesting eigenlijk aanzienlijk verlaagd worden. Het pootgoed werd om proeftechnische reden niet ontsmet. Alle rassen kenden een voldoende opkomst (> 90%).

Weersomstandigheden

Na enkele zeer warme dagen eind maart volgde een uitzonderlijk koude periode in april. Net zoals maart was april wel een zonnige, maar ook een droge maand. Ook mei was erg koud en daarnaast ook somber en nat. De start van het groeiseizoen verliep dus zeer traag. De gewassen liepen al snel een achterstand op. Juni was ook erg nat (vooral op het einde van de maand), maar was in tegenstelling tot mei een zeer warme maand. Vooral in de periode van 11 tot 20 juni liepen de temperaturen hoog op. Eind juni werd het opnieuw koud.

Juli was een eerder koude en sombere maand. Vooral in de oostelijke helft van het land blijft natuurlijk de bijzonder langdurige en hevige regenval in ons geheugen gegrift. Enkel in het noordwesten van het land werden min of meer normale neerslaghoeveelheden genoteerd. In Oost- en West-Vlaanderen was het zelfs iets droger dan gemiddeld. Ook in augustus viel geregeld neerslag en was het hoofdzakelijk koud en somber. Ondanks de 2 grijze zomermaanden zagen we bij de aardappelen wel een vlotte groei. September was dan gelukkig nog een warme, zonnige en droge maand.

Door de regionale spreiding van de proefvelden zijn er steeds verschillen in groeiomstandig heden.
Door de regionale spreiding van de proefvelden zijn er steeds verschillen in groeiomstandig heden. - Foto: TD

Hoge eisen voor chips

In Wannegem-Lede en Kortrijk werden 5 chipsrassen beproefd. De eisen die gesteld worden aan chipsaardappelen zijn streng. De ronde knollen dienen zo veel mogelijk van de sortering 35/70 mm te zijn. Het onderwatergewicht moet minstens 400 g/5kg bedragen en de bakkleur moet nog beter zijn dan die van frietrassen.

De hoogste bruto-opbrengst (alle sorteringen én uitval) was te vinden op het proefveld in Kortrijk, met duidelijk de minste hoeveelheid uitval. De opbrengsten van Tongeren en Wannegem-Lede lagen niet zo ver uit elkaar, met aanzienlijk wat uitval (9 ton/ha). Gemiddeld over de 2 proefplaatsen heen noteerden we een netto-opbrengst +35mm van 41 ton/ha bij de chipsrassen.

De onderwatergewichten lagen in 2021 duidelijk het hoogst in Wannegem-Lede en het laagst in Kortrijk. Elk chipsras kon de norm van 360 g/5kg halen. Met uitzondering van een beperkt aantal rassen vormde blauwgevoeligheid geen problemen. Voor de chipskwaliteit haalden alle rassen een (zeer) goede chipskleur. Het is duidelijk dat de meeste rassen in proef specifiek geschikt zijn voor de friet- of chipsindustrie.

We hadden te maken met een wisselvallige zomer zonder lange periodes van droogte of hittegolven. Aantasting met schurft vormde zodoende nergens een probleem en ook lakschurft (na oogst) was niet in grote getale aanwezig. Opvallend voor 2021 was het optreden van holle knollen, wat ook zichtbaar was in de rassenproeven. Voor verschillende rassen betekent dit toch een aandachtspunt. Vooral in Wannegem-Lede werden heel wat holle knollen opgemerkt. Het is ook op hetzelfde proefveld dat er ondanks de overwegend vochtige bodemomstandigheden meerdere knollen waren met interne bruinverkleuring (roest).

08-3335-POOTGOED-web

08-3335-CHIPSRASSEN-web

Austin

Voor Austin was 2021 het tweede proefjaar. Net zoals Lady Claire is het een vroegrijp type. Al 2 seizoenen zien we een zeer vlotte opkomst. Door zijn vroegheid begint zijn loof wel snel af te rijpen. In 2021 werd zijn lage stengelaantal bevestigd en haalde Austin opnieuw een laag knolaantal (11 per struik). Vandaar ook dat zelfs voor de grotere potermaat een nauwe plantafstand van 28 cm in de rij wordt geadviseerd.

Austin haalde in 2021 op beide proefplaatsen duidelijk de hoogste opbrengst. In de sortering +35mm netto lag zijn opbrengst maar liefst 50% hoger in vergelijking met Lady Claire (13% in 2020). Ondanks de nauwe plantafstand zat toch 19% van de sortering in de zeer grove sortering +70mm. Zelfs dan haalde Austin echter nog nipt de hoogste opbrengst in de vermarktbare sortering 35-70mm. Daarnaast vonden we heel weinig uitval terug bij dit ras.

Austin haalt zonder moeite een hoog onderwatergewicht, met een gemiddelde over de 2 locaties van 432 g/5 kg. Ook zijn blauwgevoeligheid lag hierdoor al 2 jaar op rij zeer hoog, met een index van maar liefst 208 in 2021 (281 in 2020). Voor zijn chipskleur en uitzicht van de chips kreeg Austin een goede score, maar zijn smaak was net voldoende. Hiermee scoort deze variëteit het op één na laagst ten opzichte van de andere rassen in proef. Austin blijkt wel iets gevoeliger te zijn voor gewone schurft. Ondanks zijn grofte werden weinig holle knollen gevonden.

Austin bevestigt na 2 jaar proeven zijn vlotte opkomst, snelle afrijping, lagere stengel- en knolaantal, hoge opbrengst, grove sortering, hoog onderwatergewicht en grote blauwgevoeligheid. Zijn kwaliteit viel wat tegen in 2021, maar was beter in 2020.

Louisa

Louisa lag voor het derde jaar op rij aan. Dit ras is hier in België gekweekt en kwam pas recent op de Belgische rassenlijst terecht. Louisa heeft geen resistenties tegen het aardappelcystenaaltjes, maar scoort zeer goed op phytopthora in het loof.

Op onze 2 proeflocaties zagen we zowel qua opkomst als qua afrijping gemiddelde cijfers ten opzichte van de andere chipsrassen. Net zoals in 2020 telde deze variëteit heel wat stengels (6,5 per plant). Ook wordt het hoge knolaantal bevestigd van toch wel 18 knollen per struik.

In de sortering +35mm (netto) haalde dit ras een duidelijk meeropbrengst ten opzichte van Lady Claire van 25% (respectievelijk 17% en 13% in 2019 en 2020). Door het hoge knolaantal waren er nauwelijks knollen in de sortering +70mm aanwezig, waardoor 96% van de opbrengst tot de gewenste marktbare sortering behoorde. We vonden wel wat meer uitval terug bij dit ras, waaronder vooral groene knollen, maar ook misvorming.

Zijn onderwatergewicht bereikte een mooi gemiddelde van 413 g/5kg. Zijn blauwgevoeligheidsindex lag op 87, wat te verwachten is in functie van zijn onderwatergewicht. Op vlak van de 3 parameters binnen de chipskwaliteit scoorde Louisa echter het laagst van alle chipsrassen, met wel nog een goede score voor de kleur, maar net voldoende voor de smaak en het uitzicht. De eerste 2 proefjaren waren vooral droge jaren en toen was roest (interne bruinverkleuring) wel een aandachtspunt. In 2021, met de wisselvallige groeiomstandigheden, trad deze verkleuring veel minder op. Ook zijn gevoeligheid voor hol lijkt mee te vallen.

Bij Louisa werd gedurende 3 jaar proeven zijn hoge knolaantal bevestigd, alsook hoge opbrengst maar matige kwaliteit.

Opal

Opal lag voor het derde jaar aan in de rassenproeven. Deze variëteit toonde geen problemen tijdens de opkomst, met eveneens een gemiddelde afrijping. Dit klopt met zijn cijfer voor vroegheid. Zijn zeer lage knolaantal was ook in 2021 opvallend, met slechts 10 knollen per struik. Opal vormde 4,3 stengels per plant.

Qua opbrengst (+35mm netto) haalde Opal een meeropbrengst van 21% ten opzichte van Lady Claire. Het ras groeide wel grover uit omwille van zijn lagere knolaantal. Hierdoor zat 80% in de vermarktbare sortering 35-70mm. Houden we hiermee rekening, dan haalt Opal ongeveer eenzelfde opbrengst (35-70 mm netto) als Lady Claire.

Het onderwatergewicht van Opal lag op 425 g/5 kg, wat een gemiddelde score is voor de chipsrassen in proef. Zijn blauwgevoeligheid volgt het hogere onderwatergewicht en komt op een index van 127. Zowel op het vlak van chipskleur, als uitzicht en smaak bevestigt Opal zijn (zeer) goede eigenschappen en scoort gelijk of net ietsje beter dan Lady Claire.

Op één proefplaats werden meerdere knollen gevonden met interne bruinverkleuring (roest). Door zijn grofte werden in 2021 aanzienlijk wat holle knollen gevonden. Ook gewone schurft en lakschurft worden makkelijker aangetroffen bij Opal.

Uit 3 jaar proeven leerden we dat Opal minder knollen per struik vormt, wat leidt tot een grovere sortering en hoge opbrengsten. Opal doet het zeer goed op het vlak van de chipskwaliteit, maar lijkt gevoeliger voor interne bruinverkleuring en holvorming (2021).

SH C 909

Ook het ras SH C 909 werd voor het derde jaar op rij geplant. Dit is een kruising met het meer bekende VR808. Let op bij dit ras voor zijn gevoeligheid voor metribuzin.

SH C 909 is de meest laatrijpe variëteit tussen de chipsrassen. Net zoals in 2019 verliep zijn opkomst net iets trager, maar ook zijn afrijping startte duidelijk later. Dit ras vormde een lager aantal stengels per struik (4,3) en duidelijk minder knollen per plant (10).

SH C 909 haalde een mooie meeropbrengst binnen de sortering +35mm van +23% ten opzichte van Lady Claire. Nemen we de vermarktbare sortering 35-70mm (netto) in beschouwing, dan noteren we een lagere opbrengst van -9% ten opzichte van de referentie, doordat SH C 909 heel grof uitgroeide (lagere knolaantal). Daarnaast waren ook nogal wat gekloven en groene knollen aanwezig.

In tegenstelling tot 2020, haalde dit ras een hoog onderwatergewicht van 431 g/5kg. Zijn blauwgevoeligheidsindex bleef laag, met een score van 81. SH C 909 scoorde voor de chipskwaliteit bij de betere van de proef vooral wat betreft de chipskleur en zijn smaak. Ook voor het uitzicht haalde dit ras een goede score. Opvallend in 2021 was het zeer hoge aantal holle knollen.

De resultaten uit 2021 bevestigen doorgaans deze uit 2020 en 2019: een lager knolaantal, hoge opbrengsten met zeer grove sortering, een correct onderwatergewicht en een uitstekende chipskwaliteit. SH C 909 lijkt wel gevoelig voor holle knollen (afhankelijk van de groeiomstandigheden).

V. De Blauwer (Inagro), I. Eeckhout (PCA), Femke Moors (PIBO),

Jolien Bode (PIBO)

Lees ook in Aardappelen

Meer artikelen bekijken