Startpagina Varkens

Hoogste gezondheid en innovatie staan centraal bij KI Cobbaert

Leffinge, nabij kustgemeente Middelkerke, is dan wel een varkensarme West-Vlaamse regio, toch begint er via KI Cobbaert heel wat nieuw leven in de varkensketen. KI-centra bevinden zich immers aan de top van de productiepiramide. Voor zaakvoerder Bert De Coninck (32) staat hierbij een uitgebreide klantenservice met een breed aanbod van kwaliteitsvolle fokberen met een hoge gezondheid voorop.

Leestijd : 7 min

Vandaag beschikken de meeste varkensbedrijven niet meer over eigen fokberen. “Zeugenhouders kopen het benodigde varkenssperma aan in een KI-centrum waar fokberen zitten die sperma produceren voor kunstmatige inseminatie (KI)”, legt Bert De Coninck (32) uit.

Van beer naar blister

Bert beschrijft de werking van een KI-station: “Naargelang de vraag wordt er dagelijks manueel sperma afgenomen bij de fokberen. Van elke sprong wordt het sperma in het laboratorium gecontroleerd op kwaliteit. Alle parameters, dus zowel de morfologie, de concentratie als de beweeglijkheid van de zaadcellen moeten daarbij voldoen aan minimale vereisten. Op basis daarvan wordt een verdunning gemaakt tot 2,2 miljard bruikbare zaadcellen per dosis. Op dat moment worden ook antioxidanten en vitamines toegevoegd om de houdbaarheid tot 5 dagen te garanderen.

Het sperma wordt manueel afgetapt en ondergaat dan een strenge controle in het lab.
Het sperma wordt manueel afgetapt en ondergaat dan een strenge controle in het lab. - Foto: KI Cobbaert

Het verdunde sperma wordt automatisch in blisters afgevuld. Elke sprong krijgt een unieke barcode. Vervolgens wordt gekoeld tot 17 °C. Het sperma verbruikt dan immers geen energie meer, en dat is gunstig voor de kwaliteit en bewaring. Sperma is levende materie, we nemen er zo weinig mogelijk risico’s mee.”

Familiebedrijf

KI Cobbaert is een familiebedrijf met 35 jaar ervaring in kunstmatige inseminatie bij varkens. “Mijn opa reed indertijd met zelf gekweekte fokberen rond, van de ene zeugenhouder naar de andere. Mijn vader, Dirk, groeide hiermee op”, vertelt Charlotte Cobbaert (31), Berts echtgenote, met kleine Omer (4 maanden) op haar schoot. Charlotte werkt als consulent bij het Kenniscentrum Bedrijfsopvolging. “Papa stampte, samen met mijn mama Lut De Coster, KI Cobbaert uit de grond. Ze startten in 1985 met een veertigtal beren in Zevekote. In 2003 verhuisden mijn ouders naar de huidige locatie aan de Torhoutsesteenweg. Onder meer door overnames van 2 collega’s groeide hun bedrijf gestaag. Vandaag telt het KI-station 200 plaatsen.”

Overname in 2019

Bert nam in januari 2019 het handelsfonds over. “Mijn ouders hebben een plantenkwekerij. Zelf volgde ik een opleiding ‘Financiën en verzekeringen’, maar ik werkte nadien in de zaadveredelingssector. Ik had dus wel al interesse in genetica, maar had nog geen link met de varkenssector”, herinnert Bert zich. “Maar als partner van Charlotte rolde ik langzamerhand mee in de werking van het KI-centrum. Ik hielp vanaf november 2015 als zelfstandige, maar werd geleidelijk meer en meer betrokken in de bedrijfsvoering.”

Alhoewel Dirk nog niet aan zijn pensioen toe was, stond hij wel open voor een overname door zijn schoonzoon. Bert: “Het was geen evidente stap, want de varkenshouderij is een krimpende markt, maar ik ga ervoor.” Het overnametraject werd uitgedokterd en begin vorig jaar werd Bert zaakvoerder van KI Cobbaert. Dirk werkt nog dagelijks mee op het KI-station. “Hij is mijn beste werknemer en adviseur”, knipoogt Bert. “Dirk gaf behoorlijk snel verantwoordelijkheden aan mij door, maar hij ondersteunt me waar nodig. Onze samenwerking verloopt zeer vlot.”

Bert De Coninck en Charlotte Cobbaert met de kleine Omer.
Bert De Coninck en Charlotte Cobbaert met de kleine Omer. - Foto: AV

Uitgebreide klantenservice

Aangezien de meeste zeugenhouders vandaag volgens een meerwekensysteem werken waarbij ze om de 3, 4 of 5 weken een groep zeugen insemineren, kent het centrum de planning van de meeste klanten. “We kunnen de drukte op voorhand inschatten, maar onze klanten bestellen meestal de dag zelf. Daarnaast werken we vaak met berenselecties op maat, zo komt er een hele productieplanning bij kijken.”

De bestelde dosissen sperma worden dagelijks met gekoeld transport geleverd bij de klanten, uitgezonderd op donderdag, zondag en feestdagen. “Daarnaast kunnen onze klanten terecht in onze 6 depots, verspreid in West-Vlaanderen. In elk depot staat een klimaatkast (17 °C) gevuld met sperma. Onze klanten noteren zelf hoeveel ze meenemen. Het is een service die volledig op vertrouwen werkt en dat loopt prima. Wanneer een klant te veel dosissen bestelt om een sluitingsdag te overbruggen, worden deze verrekend. Ook dat is klantenservice. In vergelijking met bijvoorbeeld Nederland zijn er in Vlaanderen nog erg veel KI-centra. Het is hier een versnipperde, en dus ook een concurrentiële markt. Daarom proberen we ons te onderscheiden van de collega’s!” stelt Bert.

Hoge bioveiligheid en dierenwelzijn

Om de beren maximaal te vrijwaren van ziekten, mogen geen externen de stallen betreden – uitgezonderd bij officiële controles. “We zijn hier zeer strikt in. Onze klanten verwachten van ons de hoogste gezondheid. Daarnaast zijn onze beren ons bedrijfskapitaal”, benadrukt Bert. “Daarom hebben we de voorbije jaren zwaar geïnvesteerd in onze bioveiligheid. Het VLIF heeft ons hierbij ondersteund.”

De hele site werd voorzien van overdrukventilatie met virusfiltering. “Door de overdruk gaan luchtverplaatsingen altijd van binnen naar buiten. Bovendien wordt de binnenkomende buitenlucht in al onze stallen gefilterd. Ziektekiemen kunnen zo nooit via de lucht de stal binnenkomen.”

Tijdens de coronalockdown investeerde het bedrijf nog verder. In april werden thermoregulerende grondbuizen gelegd bij de oudste stal in combinatie met de overdrukventilatie en virusfiltering. Het energiezuinig systeem vergde een grote investering en uitgebreide grondwerken. Bert: “Hitte en temperatuurschommelingen hebben een negatief effect op de spermaproductie en -kwaliteit. De lucht komt nu zo’n 25 m van de stal in een kelder en van daaruit vertrekken 100 buizen, die op een diepte van 3 m liggen. Eigenlijk ligt er dus één buis per beer. Gelukkig waren alle werken voor de zomer klaar. Toen we in augustus 36 °C buitentemperatuur noteerden, was de temperatuur van de binnenkomende lucht dankzij dit systeem gezakt naar een aangename 25 °C. Geen hittestress voor de beren en ideaal voor de kwaliteit van het sperma!”

Dit voorjaar werden thermoregulerende buizen aangelegd. De buitenlucht wordt op die manier geklimatiseerd voor die de stal inkomt.
Dit voorjaar werden thermoregulerende buizen aangelegd. De buitenlucht wordt op die manier geklimatiseerd voor die de stal inkomt. - Foto: KI Cobbaert

Lange quarantaine

Een goede bioveiligheid is ook gekoppeld aan het quarantainebeleid. Nieuwe beren moeten verplicht 4 weken in quarantaine. “Onze oude quarantainestal lag niet ideaal. Gelukkig konden we een klein perceel op 700 m van het KI-centrum kopen. Vorig najaar bouwden we er een nieuwe quarantainestal, ook met overdrukventilatie en virusfiltratie. We kunnen er sinds eind 2019 14 beren huisvesten. Vermits we enkel nog nieuwe PRRS-vrije eindberen en zeugenlijnberen kopen, houden we vast aan een quarantaineperiode van 6 weken.

De nieuwe quarantainestal met 14 plaatsen is ook voorzien van overdrukventilatie en virusfiltratie.
De nieuwe quarantainestal met 14 plaatsen is ook voorzien van overdrukventilatie en virusfiltratie. - Foto: AV

We kunnen er de evolutie van de jonge beren (we kopen ze op ongeveer 6 maanden leeftijd) individueel volgen dankzij het automatische voedersysteem. Ze kunnen er wennen aan het speciale berenmeel dat ze ook in het KI-station krijgen. De beren leren er dekken en hun sperma wordt al vroeg gecontroleerd op kwaliteit. Het bloed wordt gecheckt op PRRS, Aujeszky en brucellose. We willen snel informatie vergaren. De jonge beren moeten geëvalueerd en goedgekeurd worden voor ze op het KI-centrum actief zijn.”

Zoeken naar de beste genetica

Het KI-centrum heeft plaats voor 200 beren, momenteel zitten er zo’n 150 dieren. 95% van de stapel zijn eindberen, 5% zeugenlijnberen. “Wij helpen de klanten graag bij de juiste eindbeerkeuze. Wat wil de varkenshouder bereiken met zijn varkens? In Vlaanderen moet een eindbeer nog vooral zorgen voor goed bevleesde vleesvarkens. Toch zien we de voorbije jaren een evolutie. Er wordt meer en meer aandacht besteed aan de groeieigenschappen en aan de voederconversie. Daarom willen we ons ook onderscheiden in ons aanbod. We beschikken over Belgische Piétrainberen uit het BelPi fokprogramma, én over Franse Piétrains gericht naar groei van fokkerijorganisatie Axiom en stressnegatieve Piétrainberen van Nucleus.”

Bert heeft veel vertrouwen in de genetische lijnen van het BelPi-fokprogramma. “De organisatie volgt uitgebreide protocols en een hoogtechnologisch fokprogramma. De beren worden onder meer tijdens hun opfok individueel opgevolgd met voerstations; hun voederconversie is dus gekend. BelPi heeft een ruim aanbod en ze leveren uniforme, PRRS-vrije beren. De Franse Axiom- en de stressvrije Nucleus-beren volgen een Frans model, de fokdoelen zijn daar gericht naar groei, voederconversie en vleeskwaliteit.”

Om de klanten de beste beren te kunnen aanbieden, pluist Bert voortdurend de genetische gegevens uit. Basis voor Berts berenkeuze zijn de fokwaardeschatting en het nakomelingenonderzoek. “Bij aankoop van een nieuwe beer bekijken we de verschillende parameters apart. Die moeten een minimumwaarde behalen, maar de totaalscore moet weliswaar ook uitstekend zijn. De beren moeten niet alleen op papier goed scoren. Hun exterieur is zeer belangrijk. We willen de beren dan ook echt zien bij de fokkers.”

Interactieve Bereslim-app

Bert was in 2019 een van de laureaten van de eerste Newbie Award, een wedstrijd voor starters in de sector. Hij was toen niet alleen nog maar net zaakvoerder, hij toonde ook zijn innovatieve ingesteldheid met de voorstelling van de Bereslim-app.

“Ik wilde eigenlijk al een tijdje meer informatie en feedback krijgen van onze klanten. Hoe kunnen we tevreden klanten tevreden houden met nuttige informatie over hun beerkeuze? Of omgekeerd, hoe kunnen ze ons bijvoorbeeld zonder schroom melden dat er bij nakomelingen van een beer een erfelijk gebrek optreedt?” Bert zocht naar een eenvoudig, gebruiksvriendelijk systeem en kwam uit bij een app. “Landbouwers zijn vandaag vertrouwd met allerhande apps. Een app is laagdrempelig en snel in gebruik, zelfs in de stal. De ontwikkeling ervan was echter niet zo evident: Welke info is nuttig voor de klanten? Wat wil ik zelf weten?”

Bert werkte hiervoor samen met een programmeur en liet de app ook tussentijds testen door enkele zeugenhouders. Na meer dan een jaar ontwikkeling werd de Bereslim-app in mei 2019 gelanceerd.

“Ondertussen bewijst de app al zeker zijn meerwaarde voor ons bedrijf”, zegt Bert trots. “Dankzij de terugkoppeling van praktijkresultaten van onze klanten kunnen we de technische prestaties van onze beren in combinatie met verschillende zeugenlijngenetica of managementsystemen nog beter in kaart brengen. Die informatie vormt een mooie basis voor overleg met de zeugenhouders. We kunnen de klanten nog beter bijstaan in hun berenkeuze. Daarnaast krijgen wij nuttige praktijkinformatie over onze berenstapel, wat gunstig is voor onze bedrijfsvoering én voor onze klanten. We kunnen hiermee gerichter beren aankopen en sperma verkopen.”

De klanten kunnen met Bereslim ook heel eenvoudig sperma bestellen. Vandaag gebruiken ongeveer 60 klanten de app, een twintigtal bedrijven koppelt enkele kengetallen - rechtstreeks vanuit de stal - terug naar het KI-centrum. Bert denkt echter alweer een stapje verder. “We kunnen nu met de app individuele klanten opvolgen., maar in de toekomst zie ik de app ook als tool voor een ruimere benchmarking, dus voor vergelijking van onze beren bij al onze klanten.”

De app toont duidelijk de verdere professionalisering van dit familiebedrijf!

Anne Vandenbosch

Lees ook in Varkens

Varkenshouder Jeroen Koks (NL): “Sta dierenurine toe als kunstmestvervanger”

Varkens De Nederlandse varkenshouder Jeroen Koks heeft een duidelijke mening over de toekomst van het EU-mestbeleid: “Sta dierenurine toe als kunstmestvervanger en je bent van veel problemen af. Wellicht kan de EU dit in het voorjaar van 2023 meenemen bij het besluit over een nieuw nutriëntenmanagementplan waarbij ook naar nieuwe ‘groene’ kunstmestvervangers wordt gekeken.”
Meer artikelen bekijken