Circulair boeren (begint) in Temse

Circulair boeren (begint) in Temse
Kris Heirbaut bekeek zijn volledige bedrijfsvoering om geleidelijk aan om te schakelen naar een duurzamer, klimaatvriendelijk la

Landbouwer Kris Heirbaut (41 jaar) zocht en zoekt nog steeds naar een ander verdienmodel voor zijn melkveebedrijf met zuivelverwerking.

Vergroten is voor hem geen optie. Dat gaat gepaard met extra kosten, maar ook de klimaatimpact vergroot.

Verbreden en kringlopen sluiten om profijtelijker te werken is Kris zijn bedrijfsmodel van de toekomst. Bodemgebonden veeteelt en circulair boeren stelt hij voorop.

Hoe je in het landbouwbedrijf terechtgekomen?

KH: “In 2001 ben ik in het ouderlijk bedrijf gestapt, eerst als zelfstandig helper, omdat mijn ouders en een nonkel nog actief boerden. In 2005 hebben we de boerderij omgevormd naar een landbouwvennootschap en heb ik de helft van de aandelen overgenomen. In 2014, na de pensionering van mijn ouders, heeft mijn echtgenote, Ginny de Meulemeester, de andere helft van de aandelen gekocht.”

Zuivelverwerking

Hoe ziet de taakverdeling eruit?

Mijn ouders zijn beiden gepensioneerd, maar helpen nog graag. Mijn vader en mijn nonkel rijden vooral met de tractor om het veldwerk te doen. Gelukkig doen zij dat nog, want ik heb genoeg werk op het erf. Loonwerk wordt ingeroepen vooral om de graszode te injecteren en om gras te hakselen. Ik kies bewust voor de hakselaar in plaats van de opraapwagen of balenpers-wikkelaar. De hakselaar biedt het voordeel dat alle gewassen goed gehakseld en vermengd zijn. Zo wordt al selectiviteit door de dieren bij de voeropname vermeden. Mijn vrouw is actief in de zuivelverwerking en ook mijn moeder helpt daar nog eens een handje. Het is zij die deze activiteit in 1999 heeft opgestart en ze vindt het altijd heel leuk om haar ‘vroegere’ klanten nog te zien. Met die zuivelverwerking zijn we gestart, omdat destijds het melkquotum er nog was en we het niet zagen zitten om quotum bij te kopen. Ik stelde mezelf toen al kritische vragen over het landbouwmodel en of het wel verstandig was om quotum te kopen.

De biogasinstallatie is heel goed voor het klimaat doordat methaangas aangewend wordt voor groene stroomproductie (elektriciteit). De CO2 die vrij komt wordt gebruikt om de algen op te kweken.
De biogasinstallatie is heel goed voor het klimaat doordat methaangas aangewend wordt voor groene stroomproductie (elektriciteit). De CO2 die vrij komt wordt gebruikt om de algen op te kweken. - Foto: TD

Biogasinstallatie

Jouw melkveestapel heb je ondertussen afgebouwd van 90 naar 70 dieren. Dat is tegen de hedendaagse trend in. Leg dat eens uit?

Ik vond dat ik te veel aangekochte producten moest voederen naast mijn eigen verbouwde maïs en gras. Om de aankoop van fabriekskrachtvoer te verminderen heb ik ingezet op meer eigen geteeld graan en klaver en dus streven naar meer zelfvoorziening wat betreft eiwitten. Door de kruiden in het rantsoen en de aangepaste beweiding nemen mijn koeien nu zo meer mineralen en vitaminen op.

Het terugschroeven van het aantal dieren zorgt voor een betere balans op mijn bedrijf. Ik kan meer circulair werken en heb minder kosten.

Belangrijk is ook dat het terugschroeven van het aantal dieren beter aanleunt bij de omvang van de biogasinstallatie die we in 2012 gebouwd hebben.

Ons bedrijf heeft een hoge elektriciteitsvraag, omdat we zelf zuivel verwerken en opslaan. Als antwoord erop kwam de biogasinstallatie. Interessant is dat die installatie weinig arbeid vraagt, want uiteindelijk zijn we maar met 2 voltijdse arbeidskrachten op het bedrijf: mijn vrouw en ik.

Je stelde eerder dat circulariteit en hoogproductieve koeien niet samengaan. Is dat omwille van grondtekort en mestafzet of nog iets anders?

Dat is voor mij zo. Ik stelde vast dat ik echt met goede kengetallen (bedrijfstechnische resultaten) zat. De koeien gaven 9.000 l melk per jaar, de melkkwaliteit was goed, met 44 % vet en 36 % eiwit. Toch zag ik de verdienste niet in mijn portemonnee opduiken.

Voor mij klopte dat toen niet, dat leek mij niet logisch. Technisch goede cijfers werden dan voor mij geen streefdoel meer op zich, maar wel om mijn boterham te kunnen verdienen en gezonde, gelukkige dieren te hebben.

Er was een probleem met te veel aangekocht krachtvoer op mijn bedrijf. Zelf hecht ik veel waarde aan grondgebonden landbouw, want dan ben je circulair bezig.

Ik merkte dat meerdere koeien toch last hadden van kalfziekte of pootproblemen. Als landbouwer vond ik dat spijtig en haalde ik daar geen beroepstrots uit. Doordat ik nu minder inzet op een hoge melkproductie, merk ik dat mijn dieren gezonder zijn.

Systeem herbekijken

Leg eens uit hoe je dat aanpakte?

Ik ben gegaan naar een langere tussenkalftijd, een rustiger leven voor de koeien, een circulair voedingssysteem en ik streef nu naar een koe met een gemiddelde leeftijd die veel hoger is dan voorheen.

Ik heb ook aan het rantsoen gewerkt, aandacht besteed aan beweiding en zag dat kalfziekte en stinkpootproblemen eruit zijn gegaan.

Ik heb ingezet op preventie van problemen in plaats van op symptoombestrijding.

Het verhaal om in te zetten op gezonde dieren heeft ook een weerslag op onze hoeveverkoop. Dit verhaal trekt bewuste consumenten aan die op zoek zijn naar dat gezondheidsverhaal bij dieren en zichzelf.

Uit wat bestaat het rantsoen nu?

In 2018 heb ik de laatste snijmaïs ingekuild. In mijn bedrijfsfilosofie past dat niet meer. Het is een teelt die de grond uitput en waar je zaad, meststof en fytomiddelen voor aankoopt. Ik heb dat opgevangen door maaiteelten. Door te maaien bestrijd je al onkruiden.

Het rantsoen bestaat nu uit 8 plantenfamilies, dat is de basis. Mijn permanente teelten zijn mengteelten gebaseerd op gras, luzerne of rode klaver. Daar meng ik dan andere grassen of vlinderbloemigen bij. Smalle weegbree vind ik ideaal om mineralen in het rantsoen aan te brengen.

Afgelopen najaar heb ik een ‘carbon farming mengsel’ uitgezaaid dat bestond uit Engels raaigras, timothee gras, luzerne, rode klaver, cichorei en smalle weegbree.

De omvang van de akkerbouwteelten heb ik de laatste jaren afgebouwd en omvat nu nog een 15 ha. Als winterteelt wordt snijrogge met vlinderbloemigen uitgezaaid. Voor de zomerteelten proberen we andere plan tenfamilies in het mengsel te krijgen en verbouwen we boekweit, bladkool, spurrie, esparcette en facelia.

De keuze van wat we zaaien is ook gebaseerd op onze zaaimachine. Wij kunnen vollevelds op ongeveer 2 cm diepte zaaien, maar we kunnen niet aan diepere precisiezaai doen. We moeten ook zien dat onze zaden niet ontmengen. De pas gekalfde koeien krijgen Euroclim-veevoeder. Dat zijn voeders die minder belastend zijn voor het klimaat en waarin meer reststromen uit de agrovoeding zijn verwerkt.

Kris zijn kleinschalige installatie voor algenopkweek. De grotere installatie is 60x groter.
Kris zijn kleinschalige installatie voor algenopkweek. De grotere installatie is 60x groter. - Foto: TD

Algenteelt

Je bent ondertussen ook gestart met algenteelt. Waarom deze stap?

Eigenlijk start dit verhaal met onze biogasinstallatie. Iets wat te weinig in de aandacht staat, is het feit dat die biogasinstallatie heel goed is voor het klimaat, doordat methaangas aangewend wordt voor de productie van groene stroom (elektriciteit). Methaanuitstoot heeft een zwaardere impact op het klimaat dan CO2 -uitstoot.

De biogasinstallatie levert CO2, deze wordt door algen omgezet in O2 (zuurstof) die terug in de lucht kan en de algen zelf benutten de koolstof (C).

Algen hebben niet veel nodig om productief te zijn: zonlicht, water, CO2 en een beetje mest. Eigenlijk is dat vergelijkbaar met een gewone plant die aan fotosynthese doet en zo CO2 omzet in zuurstof.

Helaas kan ik mijn eigen koemest of digestaat niet gebruiken om de algen te voeden, want dan treedt er contaminatie op en zijn de algen niet meer geschikt voor menselijke voeding.

Dat zorgt ervoor dat ik momenteel gedwongen word om een beperkte hoeveelheid kunstmest aan te wenden om de algen te laten groeien. Dit is dus tegen mijn filosofie in van circulair boeren, maar ik heb al een plan om ook dat op te lossen.

Kan je daar wat meer over vertellen?

Wel op laboschaal is al gebleken dat algen, in plaats van met kunstmest, met grassap gevoed kunnen worden. Het moet nog bewezen worden dat het zal lukken op mijn praktijklandbouwschaal, maar het biedt alvast mogelijkheden.

Gras kan gevonden worden bij de 1m teeltvrije strook, beheersranden, bermen. Zo gaan we veronkruiding en afspoeling van nutriënten tegen. Het grassap gaat naar de algen, de rest van het gras naar de veevoeding of terug naar de akker als organische stof.

Hoe ziet die algenproductie eruit?

Daarvoor heb ik een nieuwe plastic serre (folietunnel) gebouwd. Daarin komt een leiding van 10 km buizen die een diameter van 5 cm hebben. Zo hebben we een gesloten, hygiënisch systeem, wat belangrijk is om de algen af te zetten richting menselijke voeding, maar ook om de CO2 niet te laten ontsnappen. Door de coronapandemie heeft de bouw van de installatie 6 maanden vertraging opgeleverd. De Duitse leverancier had een personeelsprobleem en geraakte door lokale lockdowns de grens niet over. Begin oktober zijn de grondstoffen geleverd om ter plaatse kunststof buizen te maken van 50 m lang waarin de algen groeien. Dergelijke lengtes zijn moeilijk met een vrachtwagen te vervoeren. Korte lengtes zouden te veel koppelstukken opleveren, die ook nog eens gevoeliger zijn voor vervuiling. Daarom werd deze oplossing gekozen. Er is al wel een kleinere serre met algeninstallatie aanwezig om culturen op te kweken of om kleinschalige testen te doen. De effectieve installatie is 60 keer groter. Ook de ‘oogstinstallatie’ voor de algen is al geleverd. Het volledige systeem is netjes opgebouwd en ingericht in een mobiele container. Deze is van Nederlandse makelij en met een vrachtwagen ter plaatse geleverd. Nu moet ik enkel de juiste leidingen nog aansluiten op de installatie in de serre. Gelukkig had ik nog geen afzet voor mijn algenproductie geregeld, want door de ‘coronavertraging’ zou ik al direct een probleem hebben met mijn afnemer.

De oogstinstallatie voor de algen.
De oogstinstallatie voor de algen. - Foto: TD

Wat ga je doen met jouw algenproductie?

Algen kunnen aangewend worden voor meerdere doeleinden. Denk aan veevoeding, cosmetica, voeding voor huisdieren, maar zelf zet ik liever in op menselijke voeding. Algen bevatten heel wat vitamine B12, wat een interessante aanvulling is voor mensen die geen vlees eten. Bovenal bevatten algen heel wat antioxidanten die uw weerstand verhogen en ze vormen een alternatief eiwit voor mensen die liever geen zuivel eten. In tegenstelling tot bijvoorbeeld Frankrijk, waar het soms een streekproduct is, is er bij ons nog geen cultuur om algen te eten. Het kan misschien nog wel moeilijk worden om algen in de menselijke voeding gelanceerd te krijgen. Algenkoeken Een collega-algenteler van Kris verwerkte zijn algenopbrengst in koekjes. Ze noemen het een gezonde kindersnack, een A-koek.

“Dat is even gezond als fruit meegeven in de brooddoos. Als in de klas het fruitdoosje opengaat, komt het fruit er al niet meer zo fris uit, oogt het minder smakelijk en eet het kind het nog minder graag. Komt dat fruit terug mee naar huis, dan werpen de ouders het weg en heeft het zeker niet bijgedragen.”

Hier zitten we met een gedroogde koek vol antioxidanten die ons weerbaarder maken tegen virussen. Ze hebben een lekkere, neutrale smaak en door de vruchten die erin verwerkt zijn, hebben ze een goede nasmaak. Hier focussen we op het gezondheidseffect.

Koekjes  waarin algen verwerkt zijn.
Koekjes waarin algen verwerkt zijn. - Foto: TD

Carbon farming

Je zet ook in op ‘carbon farming’. Waarom?

Dat heeft alles te maken met de compensatie van onze CO2-uitstoot. Enerzijds compenseren we onze eigen uitstoot, anderzijds kunnen firma’s die willen vergroenen, maar nog met CO2 uitstoot zitten, bij ons ‘credits’ aankopen om hun CO2-uitstoot te compenseren.

Al 2 jaar ben ik geïnteresseerd in ‘carbon farming’ of koolstoflandbouw en eigenlijk verbouw ik al 5 jaar teelten die ervoor in aanmerking komen. Hetzelfde voor de pre-ecoregelingen die er nu komen, eigenlijk doe ik dat al jaren. In het verleden heb ik akkerland omgezet naar grasland, nu zou dat passen in het kader van koolstoflandbouw.

Op zich is dat voor een landbouwer niet moeilijk: planten doen aan fotosynthese en breken CO2 af. De landbouwer moet ervoor zorgen dat de koolstof niet terug ontsnapt uit de bodem.

Wij doen aan ‘carbon farming’ door een specifiek mengsel uit te zaaien. In de toekomst denk ik nog aan het toedienen van stalmest en compost, maar er zijn meerdere methoden waarmee een landbouwer aan ‘carbon farming’ kan doen, bijvoorbeeld: minder grondbewerkingen, een groenbemester zaaien na de graanteelt, gras onderzaai bij maïs... Er zijn maatregelen op maat van bijna elk bedrijf, dus er zijn kansen!

Kan je wat meer vertellen over het verdienmodel achter koolstoflandbouw?

Bedrijven kopen credits aan. Er geldt momenteel een tarief van 50 euro per ton CO2 -compensatie. Dat bedrag is vastgesteld door intermediair ‘Claire’. Dat is een Vlaams platform om koolstofopbouw in landbouwbodems te gaan valoriseren. De naam slaat op ‘Clean-Air’. De Bodemkundige Dienst en Boerenbond zijn partners.

Het tarief is hoger dan op de internationale markt en in de toekomst zouden ze de vrije markteconomie willen laten spelen in de prijszetting.

Voor de duidelijkheid: dit is een kans voor de industrie, niet voor de particulier. De consument kan immers zelf al duurzaamheidskeuzes maken door in de winkel gericht aan te kopen.

Hoe wordt het systeem gecontroleerd?

Wel daarvoor is er die intermediair Claire die het opvolgt. Jaarlijks heb je foto’s nodig als bewijsstuk en medewerkers van Clair kunnen op controle komen. Om de 6 jaar zal er ook een bodemanalyse gebeuren om te zien of je gestegen of gedaald bent in koolstofgehalte. Ben je gestegen, dan kan er nog een premie uitgekeerd worden.

Er is bewust geen bodemcontrole op korte tijd voorzien, want het seizoen en de teelt kunnen een negatieve impact hebben op het koolstofgehalte. Dit opbouwen in de bodem gaat langzaam en vergt meerdere jaren.

Agroforestry

Nog iets waar je gaat op inzetten is agroforestry. Vertel daar eens meer over?

Ik heb nu voor mijn bedrijf één perceel geselecteerd waarop ik bomenrijen ga aanplanten in combinatie met een teelt. Dat moet ervoor zorgen dat het perceel en de teelt klimaatbestendiger worden. Bijvoorbeeld op warme dagen in de zomer, zullen de bomen de temperatuur temperen voor het cultuurgewas. Zo doen we aan klimaatadaptatie. In het najaar en de winter zal de bladval ervoor zorgen dat het organische- stofgehalte van de bodem toeneemt. Er is dus terug koolstofopslag in de bodem, wat deze gezonder maakt. Door de bladval vertrekt het gewas na de winter sneller. ‘Carbon farming’ heeft voor de landbouwer op lange termijn niets dan voordelen. Zijn bodem zal meer gaan opbrengen en hij heeft minder kunstmest nodig.

Toekomst

Met de manier waarop je jouw l andbouwbedrijf nu uitbaat, sta je dan nog ver af van biologische landbouw?

Ja, toch nog wel. Moest ik de pas gekalfde koeien biologisch krachtvoer geven, dan zou dit heel duur uitkomen. Ook biologische zaden aankopen is duur. Je mag niet vergeten dat biologisch boeren samengaat met voldoen aan veel regeltjes, maar nog meer dat er heel wat stielkennis voor nodig is.

Ik zet in op ‘goedkope’ teelten. Bij mij is het de vraag of het voor mij wel rendabel is om naar een biologische melkveehouderij te gaan. Ik zie mijn bedrijfsvoering anders.

Hoe zie jij de toekomst?

Wel allereerst ga ik werken aan de verkoop van mijn algen en hoop ik ze te vermarkten via gezonde voeding. Een mogelijkheid die ik daar zie, is om het bindmiddel dat gebruikt wordt bij bewerkt voedsel te vervangen door algen.

Een volgende fase in de toekomst is voor mij om heel ver te gaan in het circulair boeren. Misschien ga ik ook meer menselijke voeding op mijn velden beginnen telen en nog meer inzetten op mengteelten en agroforestry.

Mijn toekomstvisie is om te blijven in- zetten op grondgebonden veeteelt en minder in te zetten op het nemen van financieel risico. Ik hoop ook dat er een realistisch landbouwbeleid komt dat kansen biedt om circulair te boeren. Er mag niet vergeten worden dat boeren broodnodig zijn. Een mens wil toch lokale voeding met een kleine voetafdruk!

Tim Decoster

Meest recent

Meest recent